Zaak Chodorkovski lakmoesproef voor Rusland

Morgen begint in Moskou opnieuw een proces tegen Michail Chodorkovski, de gewezen directeur van oliebedrijf Joekos. Op de achtergrond speelt een machtsstrijd tussen president Medvedev en premier Poetin. De zaak Chodorkovski is een lakmoesproef voor het moderne Rusland.

Khodorkovksy

Sint Petersburg, 2003. “Handen af van Chodorkovski” door Neeka

MOSKOU ““ Na een reeks verhoren eerder deze maand begint morgen een nieuw hoofdstuk in het proces tegen Michail Chodorkovski (45). Samen met handelspartner Platon Lebedev (53) staat hij terecht voor de verduistering van bijna 20 miljard euro belastinggeld. Volgens critici is de zaak alweer een poging van het Kremlin om Chodorkovski, een uitgesproken tegenstander van Vladimir Poetin, achter slot en grendel te houden.

Tot hij werd gearresteerd in 2003 was Chodorkovski de rijkste man in Rusland. Samen met een aantal andere ‘oligarchen’ maakte hij in het begin van de jaren ’90 fortuin, voornamelijk door de ingestorte Sovjet-industrie voor spotprijzen op te kopen. Hij maakte zijn bedrijf Joekos tot het op drie na grootste oliebedrijf ter wereld. Chodorkovski brak met de stilzwijgende overeenkomst tussen het Kremlin en de oligarchen zich niet met elkaars zaken te bemoeien. Hij bekritiseerde het beleid van toenmalig president Vladimir Poetin en financierde een breed spectrum aan oppositiebewegingen.

Binnen de muren van het Kremlin is nog altijd een machtsstrijd gaande. President Dimitri Medvedev maakte de hervorming van de rechtstaat tot een van de speerpunten van zijn beleid. Hij gaf toe dat het slecht gesteld is met de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht en beloofde verbetering. Wanneer Chodorkovski opnieuw zal worden veroordeeld zal dat een flinke deuk zijn in het liberale imago van Medvedev. Vrijspraak zou echter een klap in het gezicht zijn van premier Poetin. Hoewel volgens de grondwet de president meer macht heeft zijn de meeste analysten het er over eens dat op dit moment vooral premier Poetin in Rusland de touwtjes in handen heeft.

Het ziet er dan ook niet gunstig uit voor Chodorkovski. Hij werd in 2005 al tot acht jaar celstraf veroordeeld wegens belastingfraude en werd verbannen naar een strafkamp in het siberische stadje Tsjita. Vorig jaar kwam hij niet in aanmerking voor vervroegde vrijlating, de rechtbank in Tsjita beriep zich onder andere op de feiten dat Chodorkovski eenmalig niet aanwezig was tijdens een naaiklasje en tijdens het luchten zijn handen niet op zijn rug hield. De nieuwe zaak is verplaatst naar de Russische hoofdstad omdat het Openbaar Ministerie van mening is dat de fraude in Moskou heeft plaatsgevonden. Tijdens de hoorzittingen afgelopen maand kreeg de verdediging het niet voor elkaar de rechter te laten vervangen en werd het verzoek de stalen kooi om het beklaagdenbankje te verwijderen afgewezen.

Volgens het Russische Openbaar Ministerie heeft Joekos miljarden achtergehouden door nooit belasting te betalen over de ruwe olie die het naar de buitenlandse markt exporteerde. Chodorkovski spreekt dat tegen en zal vanaf morgen zijn eigen verdediging voeren. Hij liet weten niet op de politieke aspecten van de aanklacht in te gaan. ‘Zelfs de feiten alleen zijn genoeg om mijn onschuld te bewijzen. Het zal aantonen hoe absurd mijn vervolging is.’ Wanneer hij opnieuw veroordeeld zal worden hangt hem ruim 20 jaar gavangenschap boven het hoofd.

Chodorkovski won veel respect onder de bevolking door niet het land uit te vluchten toen duidelijk was dat Poetin hem op korte termijn zou laten arresteren. De bekende Russische advocaat Michail Barsjtjevski vergeleek bij een radioprogramma afgelopen week het proces tegen Chodorkovski met het lot van de Zuid-Afrikaanse anti-apartheidsstrijder Nelson Mandela. “œAls de veroordelingen van Chodorkovski blijven komen zal hij een symbool worden. Net als bij Nelson Mandela weet over een paar jaar niemand meer waarom hij precies veroordeeld is, maar zal iedereen Chodorkovski als een held herinneren.”

Even Yandexen in Moskou

Rusland roept associaties op met onbetrouwbare datingsites, illegale software en creditcardfraude. Maar de voormalige Sovjet-Unie kent een extreem levendige internetmarkt, waar zelfs Google het nakijken heeft en investeerders vechten om de start-ups.

Moskou bij avond

Twee jaar geleden verhuisde ik naar Moskou. Met twee vrienden huurde ik een appartementje, met al het meubilair nog uit de Sovjet-tijd. “˜Het valt me toch tegen dat er geen piano is’, liet ik als grap vallen. Ik nam een douche, pakte wat spullen uit, toen plots de bel ging: drie mannen met een piano. Of ik de chauffeur 30 euro wilde betalen, de piano was gratis.

Terwijl ik onder de douche stond hadden mijn nieuwe huisgenoten op LiveJournal.com een piano gevonden. Vroeger was er in Rusland een tekort aan van alles behalve piano’s, en er zijn dus nu genoeg mensen er gratis vanaf willen. Via een prijsvergelijker voor bestelbusjes regelden mijn vrienden een chauffeur en twee sjouwers: binnen een uur stond de piano op de stoep. Het begon me te dagen dat de internetmarkt in Rusland wel eens razend interessant kon zijn.

Linguà¯stisch

Neem de uitspraak: “˜Dat googelen we wel even’. Bij ons inmiddels compleet ingeburgerd, in de landen van de voormalige Sovjet-Unie hoor je het zelden tot nooit. “˜Even Yandexen’ is hier de norm. In Rusland is het bereik van zoekmachine Yandex twee keer groter dan dat van Google. Volgens de laatste metingen heeft Yandex, kort voor “˜Yet Another Indexer’, ruim 66 procent van de zoekopdrachten in handen. Google blijft achter met een karige 21 procent.

Het bedrijf maakte over 2008 meer dan 300 miljoen dollar netto winst en er werken op dit moment 1700 mensen in kantoren in Moskou, Sint Petersburg, Jekaterinaburg, Kiev, Odessa, Simferopol en de VS. Meer dan 85 procent van de inkomsten zijn afkomstig uit “˜text-based advertising’.

Op het eerste oog lijken de twee zoekmachines sterk op elkaar. Ook Yandex heeft een enorm palet aan diensten, van fotoalbums tot marktplaatsen, van blogsearch tot een zeer gedetailleerde kaartendienst. Ook in de kantoren van Yandex lopen de medewerkers op sandalen en mogen ze hun eigen uren bepalen. Toch is er een wezenlijk verschil. Want Yandex begrijpt de Russische taal.

Een van de grammaticale moeilijkheden van het Russisch zijn de vervoegingen die de schrijfwijze van zelfstandige naamwoorden aanpassen. Dat vereist een andere programmeertaal. De fundamenten van Yandex zijn gebouwd door linguà¯stische programmeurs. Het bedrijf is nog altijd grotendeels in handen van ingenieurs – liever dan managers – en drijft op een sterke en strenge academische traditie in de Russische wetenschap.

Google doet wel een poging de achterstand in te halen krijgen. Zo plaatste het afgelopen zomer honderden bankjes en billboards door Moskou, en kocht het in diezelfde tijd voor 140 miljoen dollar het advertentiebedrijf “˜Begun’, toch krijgt het almachtige bedrijf uit Californià« niet echt voet aan Russische bodem.

Niet alleen bij Yandex ontbreekt er een “˜negen tot vijf-mentaliteit’. Die is in de innovatieve sector in de voormalige Sovjet-Unie nagenoeg geheel afwezig. Wie daar zijn twijfels bij heeft, moet eens bij de Art Lebedev Studio’s in Moskou naar binnen gluren. De 250 werknemers werken tien uur per dag, wanneer het hen zelf uitkomt. Er zijn bedden en douches beschikbaar, het kantoor lijkt in veel opzichten eerder een technologisch rariteitenkabinet dan een designstudio.

Artemy Lebedev is buiten Rusland vooral bekend om zijn “˜Optimus Maximus’, een toetsenbord waar alle verschillende toetsen bestaan uit kleine oled-displaytjes, en waarmee iedere toets programmeerbaar is. Ideaal voor vertalers, mensen die professioneel met programma’s als Photoshop werken of de hele dag gamen.

Copycats of snobs

Het belangrijkste sociale netwerk door de gehele Russisch-sprekende wereld heen is zonder twijfel “˜Vkontakte‘. Met meer dan 25 miljoen geregistreerde gebruikers is het de absolute koploper. Eigenaardig is dat Vkontakte een directe kloon is van Facebook. De website is niet alleen qua design amper te onderscheiden van de razend populaire Amerikaanse site, zelfs grote delen van de broncode komen overeen.

Er zijn meer klonen te vinden van andere sites die in het Westen erg populair zijn. Zo is “˜MoiKrug‘ een LinkedIn-kopie en valt “˜Odnoklassniki‘ het best te vergelijken met Schoolbank. En RuTube is de Russische variant op YouTube.

Bijzonder is ook de oligarch Michael Prokhorov, een van de rijkste ondernemers in het land. Hij zette vorig jaar een sociaal netwerk op voor miljonairs onder de nietsverhullende naam “˜snob‘. Wie zich bij de website wil registreren moet een uitnodiging op zak hebben, of simpelweg betalen.  De website is nog altijd in bètaversie, maar het magazine is ondertussen een groot succes. Helaas voor Prokhorov kwam de crisis op een slecht moment. In amper een paar maanden tijd is het aantal miljonairs in Rusland nagenoeg gehalveerd.

Huishoudboekje

In oktober vorig jaar was in de Oekraà¯nse hoofdstad Kiev de derde “˜barcamp’, een bijeenkomst voor start-ups. Wat een paar jaar geleden begon als een knullige meeting voor bloggers is inmiddels uitgegroeid tot serieuze business. Behalve de bekende gezichten uit de blogosfeer van Rusland en Oekraà¯ne liepen er enkele tientallen investeerders rond. In verschillende rondes mochten starts-ups zich in twee minuten presenteren. De investeerders op de eerste rij maakten de jury uit en kochten sommige ideeà«n rechtstreeks van het podium af.

Pavel Tytjoek (21) zette in twee jaar eigenhandig een sociale netwerksite voor fietsers in elkaar. In Nederland misschien een dwaas idee, in Oekraà¯ne een gat in de markt. Hij denkt er over na om met een aantal kledingzaken en sportzaken in zee te gaan. “Voorlopig blijft het nog een hobby. Maar het zou leuk zijn als ik er later van zou kunnen leven.”

Voor Nikolas Toersjak (24) is het al lang geen hobby meer. Hij is een van de twee ondernemers achter “˜homemoney.com.ua’, een online versie van wat wij in het oud-Nederlands een huishoudboekje noemen. “Vanaf het moment dat de crisis begon, zagen wij de gebruikers van onze website verdubbelen. We zijn nu in gesprek met banken over hoe we elektronisch geld kunnen laten overboeken.”

De sfeer onder investeerders was zo goed dat er amper tijd was om een gesprek aan te gaan met een journalist. “Je moet maar zo denken”, legde een gesjeesde Britse headhunter uit, “Er zijn nog maar weinig plaatsen in de wereld waar je voor 10.000 dollar per jaar een ontzettend talentvolle programmeur in dienst hebt. Die moet ik nu binnenhalen.”

Illegale software

Bij Rusland wordt vaak gedacht aan onbetrouwbare datingsites, illegale software en creditcardfraude. Niet geheel ten onrechte. Op de “˜Gorboesjka-markt’ in Moskou zijn nog altijd duizenden stalletjes te vinden waar je voor twee tot drie euro per dvd de nieuwste albums, films en software kunt kopen. Maar de datingsites zijn in veel gevallen keurige bedrijven die in de marge van de wet opereren. En, voor wie het echt wil weten, volgens verschillende schattingen is 0,7 tot 0,9 procent van alle elektronische bankhandelingen in Rusland frauduleus.

Amper een paar dagen na de introductie van de iPhone in de Verenigde Staten was de telefoon al beschikbaar op de illegale markt, en binnen een week kon je voor een redelijk bedrag een vers geà¯mporteerde iPhone laten “˜jailbreaken’. Zelfs toenmalig vice-premier Dimitri Medvedev werd gezien met een iPhone ver voor de tijd dat Apple ze rechtstreeks verkocht in Rusland.

Die flexibele interpretatie van de wetgeving heeft ook een keerzijde. Een paar jaar geleden werd Alexander Ponosov, directeur van een kleine school in de buurt van provinciestad Perm door de lokale autoriteiten aangeklaagd. De computers die gebruikt werden voor de informaticales draaiden volgens de aanklager op illegale software. De schoolmeester riskeerde een boete van 10.000 dollar en zelfs tot vijf jaar gevangenschap. De zaak werd hoog opgenomen, toen ook Microsoft zich er mee ging bemoeien. Ponosov kwam in mei van 2007 met de schrik vrij en moest uiteindelijk tweehonderd dollar betalen. Een bedrag wat zijn school prompt in veelvoud werd geschonken door een aantal internetondernemers. Rusland, het blijft verrassen.

‘Journalistiek vraagt lef’

UPDATE: De lezers van NU.nl, heil! Ik mag er inderdaad graag en veel op wijzen ANP-berichten in zekere zin de kranten uithollen. Ik werkte ooit als ‘stringer’ in Moskou voor het ANP. Ik schreef de kranten vol met nonsens-berichten van het type ‘man-bijt-hond’. U wilt voorbeelden? Hier vijf prachtige voorbeelden. Is dat erg? Nee. Persbureau’s zijn een noodzakelijk kwaad. Maar, zoals Arjan Dasselaar in zijn column helder uiteenzet, je moet niet vreemd opkijken als je lezers op termijn weglopen. Duiding is het nieuwe nieuws. En daar liggen fantastische kansen voor journalisten.

‘Journalistiek vraagt lef’

Een krappe twee weken geleden in de mail: ‘Ik ben op zoek naar een journalist 2.0, hopelijk ben jij dat’. Misschien wel. Het is wel eens leuk om interviews te geven in plaats ze altijd maar af te nemen. Ik sprak een half uur met Stijn Cools van de opleiding journalistiek aan de Lessius Hogeschool in Antwerpen. En da’s een aardig stuk geworden. Meer bij masterjournalistiek.blogspot.com

Amper 23 jaar is Olaf Koens. Toch mag hij zich al correspondent in Moskou noemen. Zijn 2.0-benadering van journalistiek maakt dat hij de crisis in de mediasector handig weet te omzeilen. Hij twittert een retourtje naar Teheran en hoopt dat een schoenenmerk zijn journalistiek werk wil sponsoren. “œJournalisten moeten commercià«ler leren denken”, laat hij via Skype weten.

Koens werkt als freelance correspondent voor de GPD (Geassocieerde Persdiensten) in Rusland en de voormalige Sovjet-Unie. Hij maakt ook stukken voor de meest uiteenlopende publicaties: van De Nieuwe Reporter tot The Moscow Times, van Vacature tot France24.

Web 2.0 is een enorme hulp voor zijn journalistiek werk, vertelt hij. “œIk begin mijn dag met doorlezen van mijn Netvibes. Dat is eigenlijk een enorme RSS-reader. Ik volg blogs, nieuws- en fotosites van over de hele wereld. Met dat door te lezen, ben ik snel weer een paar uur verder.”

Koens is een onvervalst pleitbezorger van verschillende Google-toepassingen.”Gmail, Gmail-chat, Google Calender en Google Translate gebruik ik in mijn dagelijkse werk. Dan is er ook nog Flickr, waarop ik mijn foto”™s bewaar. Als een redactie me om een foto vraagt, dan stuur ik ze gewoon link naar de foto op Flickr door.” Ook van Skype is hij een enthousiast fan: zowel voor journalistiek werk als om contact te houden met het thuisfront.

Schiphol – Teheran

Twitter was geen liefde op het eerste gezicht. “œIk stond er eerst heel erg sceptisch tegenover. Dacht dat het volstond met nutteloze boodschappen à  la “œik ga naar het toilet”. Na verloop van tijd begon ik in te zien dat het toch wel zijn nut heeft.”

“œBijvoorbeeld de crash van het vliegtuig nabij Schiphol. Dat las ik eerst op Twitter. Ik ben meteen in de databank van AP (Associated Press) gaan kijken. Daar stond niets in. Pas tien minuten later heeft AP het nieuws opgepikt. Twitter is sneller.”

Met Twitter is hij er zelfs in geslaagd een reisje naar Teheran te financieren. “œIn november wou ik naar Iran. Mijn geplande reportages kreeg ik echter nergens verkocht. Een vliegtuigticket had ik al betaald. Op Twitter heb ik dan ik dan gezegd dat ik naar Iran vertrek, iedereen kon een verhaal bij me bestellen. Het heeft zestien minuten geduurd voor @brewbart zich meldde, de hoofdredacteur van Sp!ts, Bart Brouwers.”

Daarnaast is Twitter ook een gigantische vraagbaak voor Koens. Met bijna duizend volgelingen zal er altijd wel iemand zijn die het antwoord weet op een prangende vraag die hij via Twitter de wereld instuurt. “œIk zoek een tijdschrift over geschiedenis. Ken jij er één? Nee, wel op Twitter kreeg ik in geen tijd vijf namen van relevante tijdschriften toegestuurd.”

Portfolio

Op de vraag of hij wel eens sociale media gebruikt voor zijn stukken te schrijven, repliceert Koens dat hij Twitter tot de sociale media rekent. “œToen ik naar Iran ging, heb ik gewoon Twitteraars uit Teheran gezocht. Een paar heb ik ter plaatse ontmoet.” Facebook gebruikt hij liever om contact te houden met vrienden.

Met www.olafkoens.nl heeft hij ook een eigen blog. “œEigenlijk is dat begonnen om mijn vrienden op te hoogte te houden van wat ik aan het doen was. Toen ik met de blog begon, was ik nog geen professioneel journalist.”

Ondertussen is de blog uitgegroeid tot een professioneel visitekaartje. “œAls beginnend journalist moet je een portfolio hebben. Ik plaats er artikelen op die niet verschenen zijn, of zet er stukjes op uit artikelen die nog moeten verschijnen”.

Media.com/denieuwereporter.nl

Wat de hype na Twitter wordt, daar wil Koens zich niet aan wagen. Wel deze voorspelling voor de toekomst: “œConversie gaat erg belangrijk worden.” Hij illustreert het met een voorbeeld: “œDe mediabijlage van De Morgen media.com, nu betaalt de krant daar heel wat geld voor. Daar moeten pakweg twee redacteurs voor betaald worden. Het kan goedkoper.”

“Op het internet heb je valabele alternatieven als De Nieuwe Reporter en Bright. Daarmee kan De Morgen het op een akkoordje gooien om stukken over te nemen. Dat zal de krant minder geld kosten. Ik denk ook dat binnen een mediaconcern de verschillende media berichtgeving aan elkaar cadeau zullen doen. Van een blad bij de Persgroep naar een Persgroep-krant, bijvoorbeeld.”

Dat gaat ten koste gaan van dagbladjournalisten, erkent hij, maar niets is onmogelijk. “œKijk naar mij: ik ben 23 jaar en ben correspondent in Moskou. Het gaat misschien slecht in de media, maar er zijn nog steeds veel kansen. Belangrijk is het hoofd boven water te houden, doen wat commercieel interessant is.”

Een voorbeeld: “œIk kan hetzelfde onderwerp verschillende keren verkopen. Dan schrijf ik een kort nieuwsbericht voor een krant en maak een langer stuk voor een tijdschrift over datzelfde onderwerp.”

Schoenensponsoring

Toch is het niet gemakkelijk rondkomen als freelance journalist in Moskou. “œIk verdien minder dan de gemiddelde fabrieksarbeider bij Renault in Belgià«. Ik ben nu echter al een tijdje met een schoenenmerk aan het praten. We zijn aan het bekijken hoe ik pas in hun mediacampagne.”

“œEen idee is om ervoor te zorgen dat een paar schoenen van een bepaald merk om de zoveel foto”™s onopvallend getoond wordt – ik fotografeer ook. Als ik bijvoorbeeld een verhaal in een hotel maak, dan kan ik ergens in een hoek wel een paar wegmoffelen en dat op foto zetten.”

Niet erg orthodox. “œInderdaad, maar het moet wel kunnen, vind ik. De kranten doen het al jaren. Een column in de donderdagkrant kan zo geschreven zijn door een hypotheekmakelaar, bij wijze van spreke. Als de kranten het doen, waarom zouden de journalisten het dan niet mogen doen? Journalisten moeten commercià«ler leren denken, zo kunnen ze overleven in de huidige mediacrisis. Anders gaan ze definitief mee ten onder.”

“Het is drinken of jagen geworden”

DSC_7532

In het stadje Pikaljovo, ongeveer 250 kilometer ten oosten van Sint-Petersburg, liggen alle fabrieken stil. Waar het de stad tot amper een jaar geleden nog voor de wind ging zit nu bijna iedereen zonder werk.

‘Hallo! Petrovitsj, heb jij nog werk?’ Het is de eerste vraag die de inwoners van Pikaljovo elkaar stellen wanneer ze elkaar tegenkomen. Nog geen 20 duizend mensen wonen er, en in de afgelopen weken vielen er duizenden ontslagen. De crisis is fataal voor de kleinere stadjes die volledig afhankelijk zijn van één enkele fabriek of bedrijfstak.

Pikaljovo is een typische Sovjet-stad. Iedereen woont er in kleine flatjes van vijf etages, hier en daar zijn winkeltjes te vinden, er is een theater, een treinstation en op het centrale plein staat nog altijd een groot standbeeld van Lenin. Overal in de stad zijn fabrieksschoorstenen zichbaar. Ze behoren tot wat vroeger één groot complex was, maar sinds vijftien jaar is het in drie bedrijven gesplitst: een aluminium-verwerkingsfabriek, een cementfabriek en een chemische installatie.

Pikaljovo floreerde jarenlang, tijdens de goede economische jaren: er kwamen juwelierszaken en de Lada’s werden ingeruild voor dure Westerse auto’s. Maar met de sluiting van de drie levensaders van de stad worden al die verdiensten in rap tempo teruggedraaid. Het sneeuwbaleffect is een erfenis uit de Sovjet-Unie. Wanneer één fabriek sluit loopt de rest achter op schema, en wanneer ze allemaal sluiten is ook de middenstand in Pikaljovo ten dode opgeschreven.

,,Iedereen kocht auto’s op krediet. Zo heb ik deze Landrover gekocht,” legt Michael Sergejev (42) uit. ,,We kregen goed betaald, zeker 600 euro per maand.” Sergejev werd in augustus al ontslagen en werkt sindsdien als taxichauffeur. Net als de rest van de stad is hij kwaad. Op het locale stadsbestuur, op de gouverneur van de regio en vooral op Oleg Deripaska, de oligarg en miljardair die het aluminium-complex in handen heeft. Vorige week nog demonstreerden er zeker drieduizend mensen tegen de sluiting van de fabrieken. Een paar dagen geleden dreigde de vakbond de snelweg die langs de stad loopt te blokkeren.

Bij het aluminium-complex zijn geen van de stookovens in werking. ,,Je hoeft geen ingenieur te zijn om te begrijpen dat hier snel een einde aan komt,” legt Alexander Medetsky (42) uit. Hij werkt al vijftien jaar bij de fabriek en voert nu alleen nog maar periodieke controles uit. ,,Ik krijg misschien nog 100 euro per maand. Nog niet een kwart van wat we voor de crisis verdienden. Ik werk nu af en toe bij een houtzagerij in het bos.”

Volgens Anatoly Maslikov, directeur van de fabriek, was er tot 2005 niets aan de hand. ,,Pas een paar jaar geleden zijn de prijzen flink gaan stijgen. Tussenhandelaren verdienden fortuinen op de markt. Iedere maand gingen de prijzen tot 20 procent omhoog. Iedereen had er baat bij.”

Maar in de herfst van vorig jaar daalde de afzetmarkt. Toch bleven de kosten voor inkoop op een hoog niveau. “We kochten duurder in dan we konden verkopen. Dat kan niet meer.”

Maslikov is strijdvaardig. “We kunnen andere grondstoffen verwerken. We hoeven zelfs geen winst te maken.” Hij schuift de schuld van de massale werkloosheid deels in de schoenen van de lokale adminissratie. “Wij werken dag en nacht aan voorstellen om een doorstart te maken. Maar de vergunningen en het papierwerk laten maar op zich wachten. De overheid werkt ons juist tegen.” Ook het moederbedrijf van Deripaska laat volgens Maslikov niet van zich horen. “Die kennen ons niet meer. Iedereen maakt zich zorgen om Pikaljovo, maar niemand die er daadwerkelijk wat aan doet.”

Ondertussen is de verkoop van alcohol in Pikaljovo enorm gestegen. In de verschillende supermarktjes is er bier in allerlei soorten en maten te koop, maar frisdrank of is er niet of nauwelijks voorhanden. De 33-jarige Marina Markova van hengelsportzaak ‘De IJsvisser’ legt uit dat veel mannen het op een drinken hebben gezet. “Vroeger liepen hier nooit dronkelappen, iedereen had werk.” De hengelsportzaak heeft geen last van de crisis. Sterker nog, de omzet is de afgelopen maanden juist omhoog gegaan. “Mensen gaan zelf voor hun voedselvoorziening zorgen”, legt Marina uit. We gaan binnenkort ook jachtgeweren verkopen. Het is hier drinken of jagen geworden.”

DSC_7538

DSC_7603

DSC_7608

‘Tsjonge, moet het nog over voetbal gaan ook!’

bnn-today-detail.gifZo. En dat was mijn radiodebuut. BNN zoekt op Radio 1 iedere avond rondom half tien een ‘Exit Hollander’. Mensen die de het Koninkrijk der Nederlanden al lange tijd achter zich hebben gelaten en in een paar minuten berichten vanuit hun nieuwe thuisland.

En dus stond ik gisteravond een tikkelje zenuwachtig ergens in een zijstraat van de Nevski-prospekt. Telefoon in de aanslag, notitieblokje bij de hand. Iets over Guus Hiddink. Ik weet het zelf ook niet meer. Ik kan uren over Rusland vertellen, over Sint-Petersburg. Maar over voetbal? Soit. Hierrrr te beluisteren!