Rusland zoekt erkenning op het wereldtoneel

Saturday, October 3rd, 2009

De Verenigde Staten zien af van de bouw van een raketschild in Oost-Europa, de NAVO wil dolgraag samenwerken met Rusland en beide landen willen nauwer samenwerken op internationaal niveau. Maar wat is de Russische agenda?

‘Een dapper besluit’, liet de Russische premier Poetin weten. De stoicijnse Russische leider glunderde zowaar toen hij het aankondigde. De Amerikaanse president Barack Obama blies vorige week de plannen voor een raketschild in Oost-Europa af. Hoewel het raketschid eigenlijk tegen Iraanse raketten moest beschermen zag Rusland het altijd als een enorme bedreiging voor haar eigen veiligheid. In Moskou kopten de kranten dat de Russische diplomatie had ‘gewonnen’. De meeste Russen zien het als hun goed recht. Rusland wil voor vol worden aangezien op het wereldtoneel.

Na jaren van moeizame relaties zit er sinds een paar weken schot in de bilaterale betrekkingen tussen Rusland en de Verenigde Staten. Het raketschild is van de baan, op het gebied van de nucleaire non-profileratie worden spijkers met koppen geslagen en ook Rusland voert de diplomatieke druk op tegen Iran. Rusland, de NAVO en de Verenigde Staten werken samen in strijd tegen het terrorisme en de Russische marine werkt andere landen om piraterij tegen te gaan. Zelfs in Afghanistan, het land waar Rusland twintig jaar geleden zelf een oorlog vocht, willen beide landen aan de slag om illegale heroine-export tegen te gaan.

,,Dat is snel gegaan”, legt Maxim Braterski uit. Hij is als hoogleraar verbonden aan het Centrum voor Russische Studies aan de Moskouse School voor de Economie. ,,Nog maar een half jaar geleden waren de relaties op een dieptepunt. De NAVO bevroor de banden met Rusland vanwege het conflict in de Kaukasus en in Rusland had het raketschild in Polen en Tsjechie kwaad bloed gezet. Dat zijn in het Kremlin niet vergeten, maar de irritatie is voorbij”, weet Braterski. ,,Rusland zat de afgelopen jaren klem en wilde met niemand samenwerken. Dit is een positief signaal. De nieuwe NAVO-baas ziet men hier als een bruggenbouwer, De Hoop Scheffer polariseerde alleen maar en durfde niet vooruit te kijken”.

Toch ziet men in Rusland de NAVO nog altijd als een bedreiging. Met Amerikaane basis in Centraal-Azie, militaire oefeningen in de Baltische Staten en vooral de militaire samenwerking met en het potentiele lidmaatschap van Oekraine en Georgie baart Rusland zorgen. ,,Mensen zijn argwanend. Ze niet de NAVO niet geheel ten onrechte als een militair blok, niet zozeer als een politieke entiteit”, legt Braterski uit. Veel analisten denken dan ook dat de ware test voor de Amerikaans-Russische relaties zich niet zozeer in Rusland zelf, maar in de voormalige Sovjet-ruimte af zal spelen. Rusland ziet het gebied als haar achtertuin en Amerika probeert er voet aan de grond te krijgen.

De relatie tussen beide landen is dan ook nog verre van optimaal. Zo doken er afgelopen week beelden op van een Amerikaanse diplomaat die in een hotel in een Russische provinciestad was ‘betrapt’ met prostituees. Volgens de Amerikaanse ambassade in Moskou gaat het om een smaadvolle poging de diplomaat in diskrediet te brengen. Het Witte Huis noemde de beelden ‘montages’.

De betere betrekkingen zijn vooral te danken aan Barack Obama. ,,Hij is niet zo hardlijnig als Bush”, legt Braterski uit. ,,Hij luistert naar Moskou. Dat zag je tijdens het staatsbezoek in Juli, en nu weer tijdens de VN-conferentie en de G20 bijeenkomst in Pittsburg. Ze willen samenwerken.” Toch mag de rol van Medvedev volgens Braterski niet worden uitgevlakt. ,,Hij heeft een eigen agenda. Hij is vastbesloten Rusland als een belangrijke speler op het wereldtoneel neer te zetten. Nu de relaties met de Verenigde Staten verbeteren zou het me niets verbazen wanneer hij binnenkort de druk op Europa opvoert.”

Rusland zoekt een opening in Afghanistan

Wednesday, September 9th, 2009

Sinds een paar dagen is het Russische luchtruim opengesteld voor het Amerikaanse leger. In samenwerking met de NAVO probeert Rusland voet aan de grond te krijgen in het bergachtige gebied waar het twintig jaar geleden zelf een oorlog vocht.

Sunrise in Afghanistan

Foto van het Amerikaanse  Ministerie voor Propagandazaken op Flickr

Het is een van de afspraken waarvoor de Amerikaanse president Obama in juli naar Moskou kwam. Sinds afgelopen zondag mogen toestellen van het Amerikaanse leger gebruikmaken van het Russische luchtruim, een maatregel die de Verenigde Staten niet alleen een hoop onkosten bespaart, maar ook de weg naar Russische interferentie in het conflict opent. Maar Moskou heeft een eigen agenda in Afghanistan.

‘We willen er middenin zitten’, zei Dimitri Rogozin, de Russische afgevaardigde bij de NAVO, een paar dagen geleden tijdens een interview met persbureau Bloomberg. Het is volgens hem voor de NAVO van groot belang dat men Rusland overal bij zal betrekken. Ook president Medvedev heeft laten weten dat hij bereid is samen te werken met de Verenigde Staten om orde op zaken te stellen in het land. Behalve het gebruik van het Russische luchtruim wisselen de Russische veiligheidsdiensten strategische informatie en inlichtingen uit met de NAVO-landen. De samenwerking is een teken dat de relaties tussen het militaire bondgenootschap en Rusland iets beter worden. Tijdens de vijfdaagse oorlog tussen Rusland en Georgie bevroor de NAVO een tijd lang de banden met Rusland.

Twintig jaar geleden stond de Sovjet-Unie zelf in het midden van een ramp in Afghanistan. De invasie werd een negenjarig conflict dat aan bijna 15.000 sovjetmilitairen het leven kostte. De expeditie werd een afgang voor de Sovjet-leiding, en in 1989 trok Michail Gorbatsjov de troepen terug. Toch zijn er veel Russische technici en ingenieurs in het land gebleven. Volgens Candace Rondeaux van de International Crisis Group zie je nog altijd veel Russen op straat in Kaboel. ,,Van die typisch ouderwetse Russische maffia. Het is ironisch, maar een grootste deel van de Afghaanse luchtmacht heeft de trainingen gehad in Moskou.”

Volgens haar wil Rusland vooral voorkomen dat de onrust zich verspreid richting Oezbekistan en Tadzjikistan. Een risico wat volgens Rondeaux reeel is. ,,We zien veel gevechten aan de noordelijke grens, en de lijnen van daar naar Moskou zijn kort.” Volgens het Kremlin duiken er in de Noordelijke Kaukasus regelmatig terroristen op die in Afghanistan getraind zijn. Ook wil Rusland de export van heroine richting de voormalige Sovjet-Unie aanpakken. Sinds de Amerikaanse militaire inval in 2001 is de hoeveelheid Afghaanse heroine op de Russiche markt explosief gestegen, een probleem waar de Amerikanen weinig interesse in hebben. Rusland kondigde in mei al aan de grenzen in Centraal-Azie te zullen versterken.

Michail Trojtski van de Moskouse Staatsuniversiteit verwacht niet dat Rusland zich actief gaat mengen in het conflict. Op een televisiezender liet hij weten dat ‘Rusland in de jaren ‘80 meer dan genoeg heeft gehad van Afghanistan’. Hij denkt dat de samenwerking zich zal beperken tot strategische planning. Toch kan dat gunstig uitpakken vor de Russen. Trojtski wijst erop dat Rusland met de Verenigde Staten wil onderhandelen over het raketschild, een Amerikaans defensiesysteem dat in Polen en Tsjechie geplaatst zou worden. Rusland is daar fel op tegen. ,,Wanneer we helpen in Afghanistan zou president Obama misschien wel eens van gedachten kunnen veranderen.”

Afghaanse heroine sijpelt Rusland binnen

Friday, May 15th, 2009

Afghanistan vraagt de Russen om de heroïneproductie te helpen bestrijden. Rusland heeft daar zelf ook baat bij, want langs de poreuze grenzen van Centraal-Azie liggen de heroineroutes naar de Russische markt wagenwijd open. Nog nooit waren er zoveel verslaafden in Rusland, een probleem dat men langzaam maar zeker onder ogen ziet.

drugs

Jonge verslaafden in Sint Petersburg, door kr4gin op Flickr

Bij het metrostation Tsjertanovskaja in het zuiden van de Russische hoofdstad spreekt iedereen er schande van. ,,Het zijn net spoken, zo wit. Vooral in de winter kijk je dwars door ze heen”, weet Tatjana (30) die sigaretten verkoopt in een ondergrondse passage. ,,En de politie laat ze gewoon liggen, ze durven ze niet aan te raken”, voegt ze er aan toe.

Rusland wordt de laatste jaren overspoeld met heroïne uit Afghanistan. In Centraal-Aziatische landen als Tadzjikistan, Oezbekistan en Kazachstan sijpelt de illegale drugs gemakkelijk door de vrijwel open grenzen met Rusland. Volgens de officiele cijfers zijn er zeker 2 miljoen verslaafden in Rusland, iedere dag komen er ongeveer 80 gebruikers om het leven. Sinds 2001 is de hoeveelheid Afghaanse heroïne in Rusland vervierenveertigvoudigd.

De Afghaanse vice-president Karim Halili bracht deze week een bezoek aan Moskou en vroeg de Russen bij te dragen aan de bestrijding van de illegale teelt en smokkel. Rusland zegde samenwerking toe en is bezig verschillende drugskartels in Rusland en de Centraal-Aziatische landen in kaart te brengen. Volgens Viktor Ivanov van het staatsorgaan dat zich bezighoud met de bestrijding van drugs zijn de problemen begonnen toen de NAVO het land binnenviel. ,,Wij willen dat de NAVO gewoon z’n werk doet, de regio in het gareel houdt en ook de drugsbestrijding aanpakt.”

De enorme toestroom van Afghaanse heroïne is goed zichbaar in Jekaterinburg, een Russische miljoenenstad dicht bij de grens met Kazachstan. Evgeni Maljonkin van de stichting ‘Stad Tegen Drugs’ werkt er al tien jaar met allerlei verslaafden. ,,Sinds de Amerikanen in Afghanistan aan de slag zijn gegaan is de hoeveelheid heroïne hier enorm toegenomen. Wij hebben afkickprogramma’s en werken goed samen met de autoriteiten, maar in de regio en in de kleinere steden en dorpen is het een drama.”

Rusland begint langzaam het enorme drugsprobleem onder ogen te zien. Volgens de officiele cijfers is zeker twee procent van de Russische beroepsbevolking verslaafd aan heroïne. Sommige experts spreken zelfs van een epidemie. Bovendien zijn heroïneverslaafden in Rusland vaak jongeren. Maljonkin: ,,Net als in de rest van de wereld beginnen de meeste drugsverslaafden hier met marihuana of XTC. Maar omdat de heroïne zo goedkoop is geworden schakelen veel jongeren hier in een vroeg stadium al over op heroïne, met alle gevolgen van dien.”

De Russische overheid heeft amper beleid of programma’s voor de opvang van verslaafden of de verstrekking van medicijnen of injectienaalden. Drugsgebruikers worden meestal gewoon opgepakt en in het gunstigste geval doorverwezen naar liefdadigheidsinstellingen. Meestal komen ze echter in de gevangenis terecht. De samenwerking met de Afghaanse overheid is volgens Maljonkin een stap in de goede richting, maar de oplossing is volgens hem veel simpeler: ,,Men moet hier simpelweg de grenzen sluiten. Iedereen met een paspoort kan op dit moment de grens over. Dat moet anders, bijvoorbeeld door een visumplicht in te voeren. Wanneer de grenzen dichtgaan is het hele probleem zomaar afgelopen.”

Karskens: ‘Halve journalistiek bestaat niet’

Wednesday, March 26th, 2008

Op ‘De Nieuwe Reporter’ werd onlangs geschreven dat de Nederlandse berichtgeving uit Afghanistan ver onder de maat is. Journalisten censureren zichzelf, laten Afghanen nauwelijks aan het woord en leveren – op z’n best – half werk. Arnold Karskens weet het beter: “Halve journalistiek bestaat niet”.

“Het is een principiële keuze. Of je buigt voor de censuur, of je doet dat niet. Je kunt ook niet ‘half-zwanger’ zijn. Je moet daar tegengas aan geven. Helemaal in een tijd waarin in Nederland de vrijheid van meningsuiting toch al onder druk staat. Door genoegen te nemen met ‘embedded’-berichtgeving graaft de journalistiek haar eigen graf. Wanneer je dat tegengas niet geeft, verlies je terrein. Dat zie je zelfs bij popconcerten, waar fotografen soms maar een paar nummers mogen meekijken. Persvrijheid is een groot goed, één van de pijlers van de democratie.”

Arnold Karskens (1954) windt er geen doekjes om. “Afghanistan is de belangrijkste Nederlandse oorlog sinds Korea. Het is verbazingwekkend dat de Nederlandse journalistiek onder druk van Defensie buigt. Ik heb een Australische journalist gesproken die ook mee was met het Nederlandse leger in Uruzgan. Defensie vroeg hem ook zijn stukken voor te leggen, dat weigerde hij. Toch reisde hij mee en toch is het gepubliceerd.”

Halve journalistiek
Met een strijdende groepering meereizen is volgens Karskens niet zozeer het probleem. “Het gaat om de censuur. Wanneer je ‘embedded’ reist, dan zie je misschien de helft van wat je zou kunnen zien. Dat zou je halve journalistiek kunnen noemen. Wanneer defensie dan nog eens met het rode potlood door je stuk heengaat, dan hou je misschien nog een kwart over. Er zijn zoveel factoren die je werk onmogelijk maken in een oorlogsgebied, van de taal tot de onherbergzaamheid. Censuur is de nekslag.”

“Het gaat erom je intellectuele vrijheid te behouden”, stelt Karskens. “Wie ‘embedded’ meegaat krijgt te maken met de rode streep. Je ziet hem misschien niet, maar hij is er toch. Ze betalen je vliegtickets, je eten, je veiligheid en je vervoer. Als goed journalist hou je het niet vol binnen de muren van ‘Kamp Holland’, dan heb je de verkeerde instelling.”

Geen amateur-voetbal
Het punt is volgens Karskens dat er een consensus heerst in de Nederlandse journalistiek over de gang van zaken. “Iedereen doet het. Wanneer RTL bijvoorbeeld ‘embedded’ reportages zou leveren en de NOS ‘unembedded’, dan zou er een discussie ontstaan. Die is nu nagenoeg afwezig. Er is geen discussie binnen de Nederlandse Vereniging van Journalisten en niet binnen het Genootschap van Hoofdredacteuren. Sterker nog, er is zelfs geen discussie in de Tweede Kamer over de werkwijze van Defensie.”

“Dat verbaast me”, legt Karskens uit. “Omdat het hier niet om amateur-voetbal gaat, maar om mensenlevens. De politiek komt zelf ook niet buiten de poorten van Kamp Holland, die zijn dus afhankelijk van de pers.”

“Iedereen doet aan dit spel mee. De Volkskrant, NRC, Trouw, de NOS. Vrij Nederland laat zich zelfs betalen voor een bijlage over Afghanistan. Alsof je een blad vol reclame voor Unilever hebt en er nog eens een interview met de CEO van Unilever bijzet. Iedereen doet het en juist die consensus is funest.”

Schoonmakers en keukenhulpen
De grote vraag is: waarom? Karskens: “Ik begrijp Defensie goed. Het is niet alleen prettig om schrijvende lakeien mee te nemen, het is ook nog eens uitgekiende PR. Bovendien hoeft op deze manier de minister van Defensie niet iedere keer naar de Kamer te rennen om uitleg te geven.”

Ook de gemakzucht van redacties speelt een rol. “Alles is gratis. Wanneer je met Defensie meegaat heb je niet eens een visum nodig om naar Uruzgan te gaan.” Argumenten als ‘bezuinigingen op redacties’ wimpelt Karskens af. “Er is wel geld, het wordt alleen niet vrijgemaakt.”

“Het argument van Defensie, namelijk dat operationele geheimen openbaar kunnen worden, is onjuist. In de eerste plaats lopen er op Kamp Holland genoeg spionnen van de Taliban in de vorm van schoonmakers en keukenhulpen en in de tweede plaats omdat journalisten die geheimen niet horen te weten. Je laat een journalist niet toe in de stafkamer.”

De methode Karskens
“Afghanistan is geen Drente”, legt Karskens uit. Hij is sinds de Nederlandse aanwezigheid in Uruzgan al vijf keer ‘unembedded’ in Afghanistan geweest. “Je vliegt er zomaar naartoe vanuit Dubai en dan is het ‘liften’ naar Uruzgan. We rijden in konvooien, soms met meer dan honderd man.”

Eenmaal in Tarin-Kowt werkt Karskens simpelweg met een notitieblok. “Ik was daar de eerste Westerse journalist, lang geleden, en de Afghanen herkennen mij inmiddels. Ik kan daar bij wijze van spreken niet een kruispunt oversteken zonder een bekende tegen te komen. Zodoende heb je altijd mensen om je heen. Natuurlijk kun je niet zomaar een dorpje binnenstappen, je hebt een netwerk. Altijd eerst het dorpshoofd proberen te spreken. Het klinkt simpel, maar praten met lokale mensen heeft de meeste journalistieke waarde.”

De lokale bewoners staan lang niet altijd positief tegenover de Nederlandse aanwezigheid. “Vooral niet in een dorp waar tachtig doden zijn gevallen bij Nederlandse bombardementen.”

Karskens is wel eens in Kamp Holland geweest. “Dat was een uitzondering. Eerder kreeg de bewaking de instructie dat ik alleen het terrein op mocht komen ‘als ze m’n poot d’r af geschoten hadden’.”

“Oorlog is duur”
Afghanistan is geen plaats voor freelancers. “Te duur. Wanneer er honderd journalisten zijn en tien jeeps, dan is het een kwestie van betalen. Oorlog is duur, niet alleen in Afghanistan, maar bijvoorbeeld ook in Congo. Ik ben in het begin van mijn carrière daarom maar naar El Salvador gegaan, dat was nog betaalbaar.”

Voor zijn beeldreportages werkt Karskens als ‘camjo’, dus zonder cameraman of geluidstechnicus. “Je hebt alles zelf in de hand en je bent overal verantwoordelijk voor. Bovendien is het sinds de digitale camera simpeler geworden.”

Vanaf 1 april gaat Karskens aan de slag bij De Pers. “Ik heb een goed budget gekregen voor oorlogsverslaggeving. We gaan ons daar sterk op profileren.” Daarmee komt zijn werk voor Nieuwe Revu ten einde. “Maar ik blijf wel soms nog beeldreportages doen, bijvoorbeeld voor EenVandaag, daar is nog ruimte voor ‘unembedded’ journalistiek.”

Voorbeeldfunctie
Karskens ziet het draagvlak in Nederland voor de Uruzgan-missie steeds kleiner worden. “Ik denk dat uit deze ‘embedded’ -vorm van journalistiek een ‘Vietnam-beweging’ voorkomt.” Toch hoopt hij op verandering. “Het moet wel, ik hoop dat ik een voorbeeldfunctie heb, of dat er tenminste nog iets als ‘gezonde competitie’ heerst. Journalisten die denken: ‘Als Karsens het kan, kan ik het ook!’ In ieder geval gaat het er om dat de journalist de kijker, of de lezer, recht in de ogen kan kijken. Een ‘embedded’-journalist bij het Nederlandse leger kan dat niet.”

“Een slecht geïnformeerde pers kost onnodige levens, dat leer je uit de geschiedenis van de oorlogsverslaggeving. Dat was in Nederlands-Indië zo en misschien is dat ook wel het geval in Uruzgan. Wederopbouw is bedrog. Nederland verwoest daar meer dan dat we opbouwen en we maken steeds meer burgerslachtoffers.”