UPDATE – recensie Matten #6 door Chessvibes
Dan is er een sympathiek artikel van Olaf Koens over het Brusselse schaakcafe Greenwich. Dit is het artikel dat Alexandra Besuijen had willen schrijven, want het gaat ook over rare schakers en hun gewoonten. Maar waar Besuijen schakers ziet als ‘vaststaande persoonlijkheden“ en dus vervalt in cliche’s beschrijft Koens de onvermijdelijke veranderingen die de tijd zelfs in de meest stereotype schakersbohemien achterlaat. En toch, natuurlijk, overwint de liefde voor het schaakspel. Koens’ artikel, ook met liefde geschreven, is een mooi en oprecht eerbetoon aan deze karakteristieke wereld.
Ergens in 2006 liep ik voor het eerst voorbij aan de Greenwich, ik had een paar straten verderop pas een huisje gehuurd en verdwaalde regelmatig in de kleine straatjes tussen het Sint-Goriksplein en de Dansaertstaat. Het stikt er van de cafe’s.
,,En nu moet je me een echt Belgisch cafe laten zien”, zei ze. Ik had Natasja het huis laten zien, kennis laten maken met de buren, ze had het vliegveld gezien en na bijna 14 uur reistijd dacht ik dat mijn nieuwe liefde het liefst zou gaan slapen. ,,Een echt Belgisch cafe met van die oude mannetjes die schaken.”
We gingen naar de Greenwich. Ik leerde later pas dat het cafe in sommige reisgidsen een eervolle vermelding heeft vanwege ‘de oudste en meest authentieke toiletten van de stad’. Manshoge urinoirs waar je als man in moet stappen. De vrouwen moeten zich behelpen op een onverlicht toilet in een hoek. Het hele cafe leek de afgelopen 100 jaar niet veranderd.
Voor de pintjes moesten we direct afrekenen, iets wat nog altijd weinig voorkomt in Brussel. Toen ik een schaakspel pakte en de stukken opzette kreeg ik te horen dat we alleen ‘op de tafels in het midden’ mochten spelen. Er was niets te eten. In een hoek van het cafe sliep een zwerver. Natasja pakte haar jas en liep de zaak uit.
,,Is dit het nou?” vroeg ze? ,,Dat België van jou met die fantastische cafe’s waar je zo vol van bent?” Ik kon er geen antwoord op geven. Ze zweerde er nooit meer terug te komen. Ik vond het wel wat. Tussen mij en Natasja is het nooit wat geworden.
Sindsdien kwam ik er vaak. ‘s Middags om er een ‘klein pintje’ te pakken met een paar bekenden, in de vroege avond voor een partij schaak of in de nacht om even uit te blazen en vooral om gewoon een gesprek te kunnen voeren. Zoals dat hoort in een schaakcafe draait men er geen muziek. Het is een cafe waar je gerust alleen naar toe kunt gaan. Veel gasten lezen er de krant of zitten aandachtig verzonken in
en roman.
Het is er prettig schaken. En inderdaad, alleen op de middentafels. Niemand weet eigenlijk waarom. Gewoon een bord voor je neerzetten en wachten op een schaker. De wereld trekt aan je voorbij. Van Marokkaanse taxichauffeurs tot oude Italianen die nog in de mijnen bij Charleroi hebben gewerkt. Het is niet gemakkelijk een gesprek aan te knopen in de Greenwich. Ik probeer het met oude Afrikaanse man met wie ik inmiddels al vaker gespeeld had.
,,Komt u hier al lang?”, vraag ik.
,,Het is jouw beurt”, zegt de man. Ik zet een pion naar voren.
,,Ik heb me laten vertellen dat het cafe al bijna 100 jaar bestaat”,probeer ik nog eens.
,,Dat zou kunnen, maar als ik jou was zou ik op je paard letten”, zegt hij.
Ik doe weer snel een zet en vraag hem wanneer hij hier voor het eerst kwam. Hij geeft geen antwoord. Ik verlies mijn paard.
Tegen het einde van de avond zet de Griekse uitbater zachtjes muziek op. Iedereen weet: tijd om te gaan. Wie dan nog lang bleef zitten werd de zaak uitgekeken. Het personeel had geen boodschap aan spannende schaakwedstrijden. De glazen – vol of leeg – werden schoongespoeld en op een gegeven moment gaat het licht uit.
In veel opzichten in De Greenwich als Brussel zelf. Een plaats waar je moeite voor moet doen om je er thuis te voelen. Brussel is geen stad als Parijs of Rome, waar iedereen het naar z’n zin heeft. Sterker nog, de meeste Nederlanders vinden Brussel maar grauwe, depressieve stad. Je moet zwoegen. De stad doorleven. Je krijgt er een band mee. En ben je er eemaal aan verknocht, dan wil je er nooit meer weg.
Lees verder, deel II, deel III en deel IV
#
