Hollandse meesters in Dagestan

Monday, April 19th, 2010

In de stoffige zijstraten langs de grote boulevards van Machatsjakala ligt, op steenwoord afstand van de Kaspische kust, het Dagestaanse museum voor de Schone Kunsten. Verstopt tussen de grote doeken over de Kaukasische oorlogen, de zalen vol wapentuig en nationale kledij zijn enkele werken van Vlaamse en Hollandse meesters te vinden.

Dagestaanse museum voor de Fijne Kunsten

Wanneer de deur opengaat schrikt iedereen op. Het licht gaat aan, de vrouwen die net nog rustig een kopje thee dronken schieten in de houding en een gardarobeman haast zich om de bezoeker van zijn jassen, tassen en paraplu’s af te helpen. Veel bezoekers komen er niet, de politieagent die in een hoekje op een stoel zit blijft rustig slapen. Volgens conservator Bela Kosimova komen er bijna geen toeristen meer. ,,Wat wil je, om de dag ontploft er wel ergens een bom. Niemand wil naar Dagestan, zeker niet sinds die aanslagen in de Moskouse metro, ze zijn bang voor ons geworden”, verzucht de kleine vrouw die met pretoogjes onder haar leesbril vandaan kijkt. ,,Je had hier in de Sovjet-tijd moeten komen, iedereen kwam toen naar Dagestan! We hadden busladingen vol met hoogopgeleide toeristen, ze kwamen uit alle sanatoria hier in de buurt en stonden te dringen om naar binnen te komen. Men noemde ons museum toen de ‘Kleine Hermitage’. Want we hebben hier alles, zelfs Hollandse meesterwerken!”

Op de tweede verdieping is, vestopt tussen Dagestaans geglazuurd aardewerk, fijne sierkunst en een grote zal met wapentuig, een zaaltje met ‘Europese kunst’ te vinden. Wie er binnenstapt staat direct tussen de werken van Vlaamse en Hollandse meesters als Adriaen de Gryeff, Alfred Bastiens, Remigius van Haanen en Jan Fyt. Volgens het museumpersoneel komen ze ‘uit Moskou’. ,,In de jaren ‘30 zijn we hier naartoe gebracht. We hebben ze alleen een beetje opgepoetst”, legt Kosimova uit. ,,En dat was meer dan welkom, want wij hadden zelf geen schilderkunst. Dit is een moslimland, wij mochten hier nooit mensen schilderen. Onze eerste kunstenaars stammen nog uit de beginjaren van de Sovjet-Unie. Daarom hebben we in ons museum prachtig houtsnijwerk, indrukwekkende wapens en prachtige serviezen, maar moet de fijne schilderkunst uit het buitenland komen”.

Dagestaanse museum voor de Fijne Kunsten

Een schoolklasje van een stuk of twaalf meisjes van ongeveer zeventien jaar loopt op hoge hakken snel aan de saaie Nederlandse burgemeestersportretten en stillevens voorbij. Sommige meisjes dragen een hoofddoekjes maar weten dat ruimschoots te compenseren met minirokjes. De meeste bezoekers in het museum interesseren zich vooral voor de enorme doeken van Franse en Duitse schilders die de Kaukasische oorlogen documenteerde. Op de meeste werken hakken de dappere strijders met kromme zwaarden het Tsaristische leger in hun nette uniformen de pan in. Waar een bezoeker naar buitenloop gaat direct het licht weer uit, een bezuinigingsmaatregel. Omdat er bijna niemand meer naar het museum gaat heeft de directie besloten dat het museum zelf maar naar de mensen toe moet. Medewerkers gaan met prenten naar verschillende scholen in de buurt en het museum heeft een eigen televisieshow in de avonduren van de lokale televise.

Dagestaanse museum voor de Fijne Kunsten

Naar goed Russisch gebruik zit er in iedere zaal een oudere dame op een stoel. Bij het Nederlandse zaaltje zit een vrouw die zich pertinent ‘Tante Asja’ noemt. Ze neuriet volksdeuntjes en laat iedere bezoeker op haar mobiele telefoon de foto’s van haar twee zoons in Moskou zien. In een antieke Italiaanse kast uit de vroege 16e eeuw heeft ze een waterkoker, zakjes thee en snoepjes staan. ,,Niemand werkt hier voor het geld”, legt ze uit. ,,Soms krijgen we uberhaupt geen vergoedingen. We doen het uit liefde”. Niet geheel zonder gevaar, want naast het museum ligt een belangrijke politiepost en juist die zijn de afgelopen jaren het doelwit van terroristische aanslagen. Over het naakt in de Europese afdeling van het museum maakt niemand zich zorgen. ,,Ik moet er altijd om lachen hoe veel schoolmeesters er snel voorbij lopen en de kinderen vertellen dat ze een andere kant op moeten kijken. Dat moeten ze maar slikken, die extremisten”, lacht Kosimova.

Het Dagestaanse Museum voor de Fijne Kunsten. Achemededovastraat 12, Machatsjakala. Op maandagen gesloten.

Het museum dat Rusland op de kaart moet zetten

Tuesday, June 16th, 2009

Langzaam maar zeker tilt de Hermitage zich naar een internationaal niveau. Het is het belangrijkste museum in Rusland. Van de ruim drie miljoen kunstschatten die het enorme complex herbergt zien er steeds meer het daglicht. Deze week opent de Amsterdamse vestiging van de Hermitage.

The Hermitage from a car

De Hermitage vanuit een auto over de Neva-rivier. Foto: Olaf Koens

Het is nagenoeg onmogelijk iemand van het museum te spreken. De Hermitage mag zich dan inmiddels profileren als een modern museum, de bureaucratische machine werkt er nog als vanouds. Telefoons worden niet opgenomen en brieven verdwijnen in een grote stapel. ,,We hebben het dan ook heel erg druk”, legt een vriendelijke stem aan de andere kant van de lijn uit. ,,Maar u kunt toch gewoon door het museum wandelen?”

Het enorme gebouw aan de Neva-rivier is Ruslands grootste toeristische trekpleister. Wat in de tweede helft van de 18e eeuw begon als de prive-verzameling van tsarina Catherina de Tweede groeide uit tot een van de grootste kunstcollecties ter wereld. Tsaar Nicolaas de Eerste gaf opdracht de verblijven om te bouwen tot een publiek museum en in 1852 ging het open voor het publiek. De revoluties van 1917 brachten de Romanov-dynastie ten val en op bevel van de bolsjevieken werd het museum ‘volksbezit’. Dat is het nog altijd. Russische bezoekers betalen slechts een fractie van de toegangsprijs voor buitenlanders.

De Hermitage, inmiddels verspreid over een aantal gebouwen in Sint-Petersburg, probeert zich als een hedendaags museum op de kaart te zetten. De krakende houten vloeren worden hier en daar vervangen en ook de belichting krijgt meer aandacht. Door de ongunstige ligging en het gure klimaat in de stad kampt de Hermitage met vochtigheidsproblemen. Katten in dienst van het museum hebben de taak de muizen uit de opslagkelders weg te houden.

Deze week opent in Amsterdam aan het Amstelhof een dependance van het museum. De ‘Hermitage aan de Amstel’ is niet de enige buitenlandse vestiging van het museum in Sint-Petersburg. Van 2000 tot 2007 huisde het Londense Somerset House de ‘Hermitage Rooms’, een tentoonstelling die moest sluiten vanwege tegenvallende bezoekers. In Las Vegas opende in 2001 het Guggenheim Hermitage Museum, een samenwerking van de Guggenheim-stichting en het Russische museum dat in 2011 in de Litouwse hoofdstad Vilnius moet worden doorgezet.

Het Amsterdamse filiaal van de Hermitage moet het museum toegankelijker maken voor een internationaal publiek. Ook moet het financieel gezien flink bijdragen aan de renovatie van de Petersburgse Hermitage. De buitenlandse dependances passen in het beleid en de visie president Medvedev en premier Poetin die, niet geheel ontoevalig, beide uit Sint-Petersburg komen. Rusland moet weer op de kaart gezet worden en het Kremlin zet een hoop op het spel om de Russische trots en allure internationaal te herstellen.

Directeur Michail Piotrovski (65), wiens vader ook al directeur was van het museum, laat in interviews in de Russische media weten dat hij zich meer wil richten op Russische toeristen. Ieder jaar komen er ongeveer twee miljoen toeristen uit heel Rusland naar het museum in Sint-Petersburg, terwijl er volgens Piotrovksi jaarlijks amper een half miljoen buitenlandse gasten voet zetten in de Hermitage. Behalve de samenwerking internationale musea en de buitenlandse satelieten organiseert het museum ook exposities in andere delen van Rusland.

Kenmerkend voor het museum zijn de tientallen dames op leeftijd die in de verschillende zalen de wacht houden. Ze lezen, lossen kruiswoordraadels op of zijn verdiept in breiwerkjes. Waar de administratie van het museum slecht toegankelijk is zijn het deze ‘baboesjkas’ van het museum die maar al te graag vertellen wat er zoal speelt. Ekaterina Joerjevna is blij met de opening van de Hermitage aan de Amstel. ,,Wij hebben hier zoveel Van Gogh’s en Rembrandts hangen, we mogen ook wel eens iets voor jullie doen.”