[fotoserie] De grootste Georgier

Tuesday, December 8th, 2009

,,Hij heeft een hoop goeds gedaan en was van simpele komaf. Daarom houden we van hem. Ja, men heeft tegenwoordig ook veel kritiek op Stalin, maar iedereen doet toch wel eens iets verkeerd?” Je zou zomaar verliefd kunnen worden op Sophio, het knappe 24-jarige meisje dat routinematig rondleidingen geeft in het Stalinmuseum in Gori. Ze heeft een sportieve winterjas aan, geld om de verwarming op te stoken is er niet. Pas wanneer er een bezoeker binnenkomt gaan de lichten aan. De man die miljoenen mensen de dood en zijn eigen volk grotendeels in verbanning jaagde wordt in zijn geboorteplaats als held vereerd. ,,Hij was de enige Georgier die de wereld zo in z’n greep heeft kunnen houden.”

‘De muur die nooit viel’

Sunday, November 8th, 2009

In Rusland keek men twinting jaar geleden hoopvol naar de televisie. De val van de muur luidde het einde van de Sovjet-Unie in, maar anders dan in Duitsland is de democratische beweging in Rusland nooit op gang gekomen. ,,De belofte is niet waargemaakt, het is allemaal anders gelopen”.

Berlijnse muur in Moskou

,,Dat was een prachtige tijd!” Irina Petrovna glundert er nog van. ,,We zaten allemaal tot diep in de nacht voor de televise.” De directrice van het Sacharov-museum in Moskou denkt weemoedig terug aan de herfst van 1989. ,,Er was zoveel hoop die tijd, we zouden naar het Westen toegroeien. Die belofte is niet waargemaakt, het is allemaal anders gelopen”, weet Petrovna. Het Sacharov-museum in Moskou is een democratisch baken in het in toenemende mate autoritaire Rusland. Behalve permantene tentoonstellingen over het leven van dissident en mensenrechtenactivist Andrej Sacharov en het leven in de Sovjet-strafkampen rouleren er fototentoonstellingen over Tsjetsjenie en organiseert men er discussieavonden. In een hoekje van het museum is een herdenkingsmuur ingericht voor Natalia Estemirova, de Tsjetsjeense activiste die eerder die jaar ontvoerd en vermoord werd.

Zoals tienduizenden Moskouvieten loopt Irina Petrovna iedere dag langs het stukje Berlijnse muur dat als kunstwerk in de tuin van het museum staat. Een cadeau van het Berlijnse muurmuseum dat later werd bewerkt door een Russische kunstenaar. Ook de graffiti op de muren van het museum komt uit Berlijn. Vooral het levensgrote ‘Andrej Sacharov, bedankt!’ maakt nog altijd indruk op voorbijgangers. Toch bleek uit een recente peiling dat ruim 52 procent van de Russen geen idee heeft waarom de muur gevallen is. Vooral jongeren en inwoners van kleine steden hebben volgens het onderzoek een ‘alarmerend gebrek aan historisch besef’.

Iemand die zich die tijd nog goed bijstaat was de jonge KGB-agent Vladimir Poetin, destijds gelegerd in het Oost-Duitse Dresden. In zijn autobiografie ‘Eerste Persoon’ geeft hij een weergave van de gebeurtenissen. Weken na de val van de muur bestormde een woedende menigte het gebouw van de oost-Duitse geheime dienst, de Stasi, en wilde het later het naburige KGB-gebouw bestormen. Met getrokken pistool sprak Poetin de menigte toe en wist hen te overtuigen hun woede niet op het militaire Sovjet-gebouw te richten. Hij belde naar het Russische hoofdkwartier voor ondersteuning, maar in Moskou werd niet opgenomen. ‘Moskou was stil’, schrijft Poetin. Hij begreep dat de laatste dagen van de Sovjet-Unie waren geteld, en die frustratie heeft hij lang meegedragen. Als president zou hij jaren later opmerken dat het einde van de Sovjet-Unie ‘de grootste tragedie van de 21e eeuw’ zou zijn. Vandaag wordt op de Russsische televisie een documentaire uitgezonden over die maanden in 1989 waarin ook Poetin aan het woord komt.

Burgers die voor de veiligheidsdiensten werkten werden in Oost-Duitsland lange tijd aan de schandpaal genageld. ,,Er is geen specifieke wetgeving voor”, legt Steffen Mayer van het Duitse historisch-instituut voor de DDR-veiligheidsdiensten uit. ,,Maar in de reunificatieverdragen van 1990 staat wel specifiek vermeldt dat het mogelijk is voormalige Stasi-agenten en informanten ‘per direct’ te ontslaan. In veel gevallen werden er in steden en districten commissie’s opgezet die individuele gevallen behandelden”, legt hij uit. Dat proces heeft in Rusland nooit plaatsgevonden. De geheime dienst KGB liep naadloos over in de FSB, de nog altijd oppermachtige veiligheidsdiensten van het moderne Rusland. Een jaar voor zijn aantreden als president stond Poetin aan het hoofd van de de dienst. Niet alleen geniet de dienst een hoog aanzien, oud-functionarissen zijn juist verzekerd van goede connecties en officiele functies. Rusland heeft haar eigen Sovjet-geschiedenis nooit willen verwerken.

Leven en Lot

Wednesday, August 12th, 2009

Per post kreeg ik van Uitgeverij Balans ‘Leven en Lot’ van Grossman op de deurmat. Het schijnt in Nederland in de grachtengordel een aardige koffietafelcadeautopper te zijn. In de eerste hoofdstukken vliegen de concentratiekampen, legerfronten, gebroken moeders, gestorven soldaten en dronken sergants in duizelingwekkend tempo langs elkaar heen. Grossman is vooral eerlijk, een gevoel dat in de Sovjet-geschiedschrijving nagenoeg ontbreekt.

Leven en Lot

Toch voelde de sergeant-majoor zich schuldig over de slechte kwaliteit van het timmerhout tegenover de vrouw die naast hem in de auto zat en hem uitvroeg over hoe de doden werden begraven. Allemaal samen? In wat voor kleren? Werd er op het graf een laatste woord gesproken? Hij voelde zich ook opgelaten omdat hij voor de rit bij een vriend in het depot was langs geweest en een flesje aangelengde ontsmettingsalcohol had gedronken, met een stukje brood en een uitje. Hij geneerde zich voor de lucht van wodka en ui die in de auto hing, maar hij kon toh moeilijk ophouden met ademen. (…) Alle mensen zijn schuldig tegenover een moeder die haar zoon heeft verloren in de oorlog en proberen zich vergeeft tegenover haar te verontschuldigen, vanaf het begin van de menselijke geschiedenis.

(p. 142 – 143)

Die laatste zin, zou u zeggen, is wat buiten proporties. Dat is ook zo, maar binnen dit vul hier een metafoor in werk van Grossman valt het exact op zijn plaats. Wordt vervolgd! Koop dat boek!

De fotograaf van de tsaar

Wednesday, July 8th, 2009

De Russische chemicus Sergej Prokoedin-Gorski (1863 – 1944) pionierde de kleurenfotografie. Hij kreeg van tsaar Nicolaas de Tweede toestemming het Russische Rijk op de gevoelige plaat vast te leggen. Honderd jaar na dato zien de beelden er nog altijd verbluffend uit.

Uitzicht op het Solovetski-klooster 66 dienstjaren Meisjes met aardbeien Zelfportret Melonverkoper in Samarkand

Krijgsgevangenen Alim Khan, de Emir van Boekhara Gevangenis 66 dienstjaren Chinese voorman

Het zouden zomaar de vakantiekiekjes van een kennis of familielid kunnen zijn. De beelden zijn helder, vol van kleur in de meeste gevallen haarscherp. Alsof ze vorige week met een digitale camera zijn geschoten. Toch dateren de foto’s van Sergej Prokoedin-Gorksi van tussen 1904 en 1915, ver voor de tijd van de Lumicolor en Kodachrome kleurenfilms uit de jaren ‘30.

Sergej Prokoedin-Gorski werd in 1863 geboren in Moerom, een kleine stad zo’n driehonderd kilometer ten oosten van Moskou. Zijn ouders waren van stand en verhuisden al snel naar Sint-Petersburg, waar de jonge Prokoedin-Gorksi zich toelegde op de chemische wetenschap. Hij studeerde er onder andere onder Dimitri Mendelejev, die eerder het het periodiek systeem der elementen bedacht. Sergej Prokoedin-Gorski zette zijn onderzoek door aan universiteiten in Berlijn en Parijs en wist verschillende patenten vast te leggen op de productie van kleurenfoto’s en de projectie van kleurenfilm.

In 1907 werkte Prokoedin-Gorski aan een plan waarin hij het Russische Rijk en de industriele vorderingen van die tijd wilde documenteren. Met zijn ‘optimale kleurenprojecties’ wilde hij Russische schoolkinderen op de hoogte brengen van de diversiteit en grootte van de natie. Na verschillende demonstraties aan het Russische hof kreeg hij de steun van Tsaar Nicolaas de Tweede. Met een ‘carte blance’ van de tsaristische bureaucratie kreeg hij alle medewerking en toegang tot gesloten of afgeschermde gebieden. Tussen 1909 en 1912, en nog een keer in 1915 maakte hij een rondreizen dwars door het Russische Rijk. Het ministerie voor transport stelde een speciale wagon beschikbaar waarin hij een donkere kamer had.

De foto’s geven een indrukwekkend beeld van het Rusland van voor de Sovjet-Unie. Prokoedin-Gorski fotografeerde middeleeuwse kerken en kloosters, bruggen, kanalen, locomotieven en stoomschepen. Tijdens het begin van de 20e eeuw maakte Rusland een snelle economische ontwikkeling door. De handel floreerde, het culturele leven kwam tot bloei en overal in het Russische rijk werden spoorwegen aangelegd. In de Kaukasus en Centraal-Azie legde Prokoedin-Gorski moskeen, islamitische scholen en religieuze leiders vast. Hij bezocht Turkmenistan en Afghanistan. Behalve landschappen en gebouwen fotografeerde hij ook veelal ‘gewone’ mensen. Van Oostenrijk-Hongaarse krijgsgevangenen in Karelia tot Mandarijnse gastarbeiders in wat tegenwoordig Georgie is. De collectie van 2434 foto’s in 14 verschillende albums geeft een omvangrijke indruk de industriele revolutie in tsaristisch Rusland en vooral van de etnische en religieuze diversiteit van het Russische rijk.

Na de bolsjevistische revolutie van 1917 kreeg Prokoedin-Gorski een positie als professor onder de communisten die nu aan de macht waren. Nadat de tsarenfamilie in 1918 werd vermoord ontsnapte hij met zijn complete collectie naar Noorwegen, en wist zich uiteindelijk in Frankrijk te vestigen. Hij gaf in Frankrijk nog geruime tijd lezingen op uitnodiging van de Russische gemeenschap die zich na de oorlog in Frankrijk had gevestigd. Prokoedin-Gorski overleed in 1944, en amper vier jaar na zijn dood verkochten zijn kinderen de collectie voor ongeveer 5000 dollar aan het Amerikaanse Library of Congress. In 2003 wisten conservatoren van de bibliotheek de kleurenlagen om te zetten in digitale foto’s, die vrij beschikbaar zijn op de website. Sindsdien beleven de foto’s een tweede jeugd. Ze duiken af en toe op in de Russische pers en zijn bijzonder populair op verschillende websites en blogs.

In Rusland is behalve de toekomst ook het verleden onzeker geworden

Tuesday, June 9th, 2009

Het Kremlin herschrijft de Sovjet-geschiedenis. Een presidentiele commissie moet zich buigen over geschiedvervalsing en binnenkort zou het zelfs strafbaar zijn de ‘prestaties van het Rode Leger’ te ontkennen. Niet iedereen maakt zich zorgen.

Zijaanzicht

School 2010 in de Moskouse buitenwijk Ljoebljino. Foto: Olaf Koens

Het is rustig op de gangen van school nummer 2010 in de Moskouse buitenwijk Ljoebljino. De zomervakantie staat voor de deur en de hoogste klassen zijn zich aan het voorbereiden op het afsluitende staatsexamen. Irina Morozova geeft geschiedenisles. Ze weet goed wat er speelt maar maakt zich niet te veel zorgen. ,,In het begin van de jaren ‘90 hebben we vooral het westerse beeld overgenomen. Dat was de tijdgeest, maar erg objectief was het niet. Nu scherpt men het Russische beeld wat aan. Zo verkeerd is dat niet.”

,,Ik weet wel dat men over bepaalde zaken anders denkt in het Westen”, legt Morozova uit. De school heeft een uitwisselingsprogramma met Noorwegen. ,,Maar sommige zaken staan gewoon vast. Natuurlijk heeft het Rode Leger de beslissende rol gespeeld tijdens de Tweede Wereldoorlog. Daar besteden de geschiedenisboeken bij jullie amper aandacht aan.”

Vorige maand heeft president Dimitri Medvedev een nieuwe organisatie in het leven geroepen die zich moet buigen over de Russische geschiedenis. De naam alleen al voorspelt weinig goeds. De 28-koppige commissie heet voluit de ‘Presidentiële Commissie ter Voorkoming van Geschiedvervalsing ten nadele van de Russische Belangen’. Ze bestaat uit hooggeplaatste ambtenaren, leidinggevenden uit het leger en de geheime dienst en enkele historici. De groep zal zich bezighouden met bijvoorbeeld de annexatie door de Sovjetunie van de Baltische Staten (1940), de hongersnood in Oekraine (1932-1933) en vooral de Tweede Wereldoorlog (1941-1945).

Deze week nog kwam het Ministerie van Defensie in opspraak door de publicatie van een historisch essay. Volgens Kolonel Sergej Kovaljov treft Polen blaam voor de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog op 1 september 1939. Het land had aan de ‘redelijke’ verzoeken van Hitler moeten voldoen. Het stuk deed een hoop stof opwaaien en is later van de website van het ministerie verdwenen. Het essay was een opzienbarende omkering van de werkelijkheid: Polen werd in september 1939 aangevallen en vernietigd door de nazi’s en de Sovjets, als uitvloeisel van geheime diplomatieke afspraken die ze eerder hadden gemaakt in het Molotov-Ribbentrop-pact.

Het Kremlin wil echter meer controle over het verleden, en herschrijft het desnoods. De machthebbers vinden dat het land weer trots moet kunnen zijn op de Sovjet-periode. Zo wordt de jaarlijkse 9-mei parade, de dag waarop Rusland de overwinning op nazi-Duisland viert, steeds groter aangepakt. Bovendien werken enkele hoge functionarissen van Verenigd Rusland, de oppermachtige partij van president Medvedev en premier Poetin aan een wetsvoorstel dat zware straffen in het vooruitzicht stelt voor iedereen die de ‘heldendaden van het Rode Leger’ in twijfel durft te trekken.

Volgens de invloedrijke historicus Roi Medvedev is zo’n commissie niet per definitie een slecht idee. ,,Maar dan moet ze zich wel beperken tot analyse en het openbaar maken van archiefstukken.” Hij voegt daar aan toe dat eventuele vervolgingen voor geschiedvervalsing voor hem een ‘terugkeer naar de Sovjet-praktijken’ zou zijn. Roi Medvedev kreeg het in de jaren ‘70 veelal aan de stok met de Sovjet-autoriteiten en is een van de weinige historici die openlijk kritiek levert op de huidige plannen.

Nationalistische bewegingen in Rusland winnen aan kracht. De minder gelukkige periodes uit het verleden worden verdoezeld. Al geruime tijd duiken er berichten op dat in sommige schoolboeken Stalin genoemd wordt als een ‘effectief manager’. Dat gaat ook Irina Morozova een stap te ver. ,,Natuurlijk mag je de industriele en economische prestaties van de jaren ‘40 en ‘50 niet ontkennen. Maar de prijs die we daarvoor betaald hebben was te hoog.”