De fotograaf van de tsaar

Wednesday, July 8th, 2009

De Russische chemicus Sergej Prokoedin-Gorski (1863 – 1944) pionierde de kleurenfotografie. Hij kreeg van tsaar Nicolaas de Tweede toestemming het Russische Rijk op de gevoelige plaat vast te leggen. Honderd jaar na dato zien de beelden er nog altijd verbluffend uit.

Uitzicht op het Solovetski-klooster 66 dienstjaren Meisjes met aardbeien Zelfportret Melonverkoper in Samarkand

Krijgsgevangenen Alim Khan, de Emir van Boekhara Gevangenis 66 dienstjaren Chinese voorman

Het zouden zomaar de vakantiekiekjes van een kennis of familielid kunnen zijn. De beelden zijn helder, vol van kleur in de meeste gevallen haarscherp. Alsof ze vorige week met een digitale camera zijn geschoten. Toch dateren de foto’s van Sergej Prokoedin-Gorksi van tussen 1904 en 1915, ver voor de tijd van de Lumicolor en Kodachrome kleurenfilms uit de jaren ‘30.

Sergej Prokoedin-Gorski werd in 1863 geboren in Moerom, een kleine stad zo’n driehonderd kilometer ten oosten van Moskou. Zijn ouders waren van stand en verhuisden al snel naar Sint-Petersburg, waar de jonge Prokoedin-Gorksi zich toelegde op de chemische wetenschap. Hij studeerde er onder andere onder Dimitri Mendelejev, die eerder het het periodiek systeem der elementen bedacht. Sergej Prokoedin-Gorski zette zijn onderzoek door aan universiteiten in Berlijn en Parijs en wist verschillende patenten vast te leggen op de productie van kleurenfoto’s en de projectie van kleurenfilm.

In 1907 werkte Prokoedin-Gorski aan een plan waarin hij het Russische Rijk en de industriele vorderingen van die tijd wilde documenteren. Met zijn ‘optimale kleurenprojecties’ wilde hij Russische schoolkinderen op de hoogte brengen van de diversiteit en grootte van de natie. Na verschillende demonstraties aan het Russische hof kreeg hij de steun van Tsaar Nicolaas de Tweede. Met een ‘carte blance’ van de tsaristische bureaucratie kreeg hij alle medewerking en toegang tot gesloten of afgeschermde gebieden. Tussen 1909 en 1912, en nog een keer in 1915 maakte hij een rondreizen dwars door het Russische Rijk. Het ministerie voor transport stelde een speciale wagon beschikbaar waarin hij een donkere kamer had.

De foto’s geven een indrukwekkend beeld van het Rusland van voor de Sovjet-Unie. Prokoedin-Gorski fotografeerde middeleeuwse kerken en kloosters, bruggen, kanalen, locomotieven en stoomschepen. Tijdens het begin van de 20e eeuw maakte Rusland een snelle economische ontwikkeling door. De handel floreerde, het culturele leven kwam tot bloei en overal in het Russische rijk werden spoorwegen aangelegd. In de Kaukasus en Centraal-Azie legde Prokoedin-Gorski moskeen, islamitische scholen en religieuze leiders vast. Hij bezocht Turkmenistan en Afghanistan. Behalve landschappen en gebouwen fotografeerde hij ook veelal ‘gewone’ mensen. Van Oostenrijk-Hongaarse krijgsgevangenen in Karelia tot Mandarijnse gastarbeiders in wat tegenwoordig Georgie is. De collectie van 2434 foto’s in 14 verschillende albums geeft een omvangrijke indruk de industriele revolutie in tsaristisch Rusland en vooral van de etnische en religieuze diversiteit van het Russische rijk.

Na de bolsjevistische revolutie van 1917 kreeg Prokoedin-Gorski een positie als professor onder de communisten die nu aan de macht waren. Nadat de tsarenfamilie in 1918 werd vermoord ontsnapte hij met zijn complete collectie naar Noorwegen, en wist zich uiteindelijk in Frankrijk te vestigen. Hij gaf in Frankrijk nog geruime tijd lezingen op uitnodiging van de Russische gemeenschap die zich na de oorlog in Frankrijk had gevestigd. Prokoedin-Gorski overleed in 1944, en amper vier jaar na zijn dood verkochten zijn kinderen de collectie voor ongeveer 5000 dollar aan het Amerikaanse Library of Congress. In 2003 wisten conservatoren van de bibliotheek de kleurenlagen om te zetten in digitale foto’s, die vrij beschikbaar zijn op de website. Sindsdien beleven de foto’s een tweede jeugd. Ze duiken af en toe op in de Russische pers en zijn bijzonder populair op verschillende websites en blogs.

In Rusland is behalve de toekomst ook het verleden onzeker geworden

Tuesday, June 9th, 2009

Het Kremlin herschrijft de Sovjet-geschiedenis. Een presidentiele commissie moet zich buigen over geschiedvervalsing en binnenkort zou het zelfs strafbaar zijn de ‘prestaties van het Rode Leger’ te ontkennen. Niet iedereen maakt zich zorgen.

Zijaanzicht

School 2010 in de Moskouse buitenwijk Ljoebljino. Foto: Olaf Koens

Het is rustig op de gangen van school nummer 2010 in de Moskouse buitenwijk Ljoebljino. De zomervakantie staat voor de deur en de hoogste klassen zijn zich aan het voorbereiden op het afsluitende staatsexamen. Irina Morozova geeft geschiedenisles. Ze weet goed wat er speelt maar maakt zich niet te veel zorgen. ,,In het begin van de jaren ‘90 hebben we vooral het westerse beeld overgenomen. Dat was de tijdgeest, maar erg objectief was het niet. Nu scherpt men het Russische beeld wat aan. Zo verkeerd is dat niet.”

,,Ik weet wel dat men over bepaalde zaken anders denkt in het Westen”, legt Morozova uit. De school heeft een uitwisselingsprogramma met Noorwegen. ,,Maar sommige zaken staan gewoon vast. Natuurlijk heeft het Rode Leger de beslissende rol gespeeld tijdens de Tweede Wereldoorlog. Daar besteden de geschiedenisboeken bij jullie amper aandacht aan.”

Vorige maand heeft president Dimitri Medvedev een nieuwe organisatie in het leven geroepen die zich moet buigen over de Russische geschiedenis. De naam alleen al voorspelt weinig goeds. De 28-koppige commissie heet voluit de ‘Presidentià«le Commissie ter Voorkoming van Geschiedvervalsing ten nadele van de Russische Belangen’. Ze bestaat uit hooggeplaatste ambtenaren, leidinggevenden uit het leger en de geheime dienst en enkele historici. De groep zal zich bezighouden met bijvoorbeeld de annexatie door de Sovjetunie van de Baltische Staten (1940), de hongersnood in Oekraine (1932-1933) en vooral de Tweede Wereldoorlog (1941-1945).

Deze week nog kwam het Ministerie van Defensie in opspraak door de publicatie van een historisch essay. Volgens Kolonel Sergej Kovaljov treft Polen blaam voor de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog op 1 september 1939. Het land had aan de ‘redelijke’ verzoeken van Hitler moeten voldoen. Het stuk deed een hoop stof opwaaien en is later van de website van het ministerie verdwenen. Het essay was een opzienbarende omkering van de werkelijkheid: Polen werd in september 1939 aangevallen en vernietigd door de nazi’s en de Sovjets, als uitvloeisel van geheime diplomatieke afspraken die ze eerder hadden gemaakt in het Molotov-Ribbentrop-pact.

Het Kremlin wil echter meer controle over het verleden, en herschrijft het desnoods. De machthebbers vinden dat het land weer trots moet kunnen zijn op de Sovjet-periode. Zo wordt de jaarlijkse 9-mei parade, de dag waarop Rusland de overwinning op nazi-Duisland viert, steeds groter aangepakt. Bovendien werken enkele hoge functionarissen van Verenigd Rusland, de oppermachtige partij van president Medvedev en premier Poetin aan een wetsvoorstel dat zware straffen in het vooruitzicht stelt voor iedereen die de ‘heldendaden van het Rode Leger’ in twijfel durft te trekken.

Volgens de invloedrijke historicus Roi Medvedev is zo’n commissie niet per definitie een slecht idee. ,,Maar dan moet ze zich wel beperken tot analyse en het openbaar maken van archiefstukken.” Hij voegt daar aan toe dat eventuele vervolgingen voor geschiedvervalsing voor hem een ‘terugkeer naar de Sovjet-praktijken’ zou zijn. Roi Medvedev kreeg het in de jaren ‘70 veelal aan de stok met de Sovjet-autoriteiten en is een van de weinige historici die openlijk kritiek levert op de huidige plannen.

Nationalistische bewegingen in Rusland winnen aan kracht. De minder gelukkige periodes uit het verleden worden verdoezeld. Al geruime tijd duiken er berichten op dat in sommige schoolboeken Stalin genoemd wordt als een ‘effectief manager’. Dat gaat ook Irina Morozova een stap te ver. ,,Natuurlijk mag je de industriele en economische prestaties van de jaren ‘40 en ‘50 niet ontkennen. Maar de prijs die we daarvoor betaald hebben was te hoog.”