De ‘open newsroom’ van iamnews.com

Tuesday, July 21st, 2009

Nir Ofir van iamnews.com weet het zeker. Journalisten die de afgelopen jaren zijn ontslagen komen vanzelf weer terug als freelancers. Hij deed zelf alvast een voorzet en plaatste een reeks vacatures op journalistensites. Kom bijdragen leveren bij iamnews.com en de opdrachtgevers komen vanzelf. De Nieuwe Reporter trok naar Israel voor een goed gesprek over nieuwe media, uitgevers, amateurs en journalisten die zelf het nieuws bepalen.

Nir Ofir

Iamnews.com is een jonge, Israelische start-up. Op het eerste oog lijkt het project een kruisbestuiving een persbureau en burgerjournalistiek-initiatief als het inmiddels ter ziele gegane Skoeps. Bloggende journalisten creà«ren unieke content die tegen betaling beschikbaar is voor de reguliere media. Centraal staat de “˜Open Newsroom”™. Iedereen kan nieuwsberichten aanmaken die daar naar gelang de regio en de actualiteit opduiken. Redacteuren kunnen daar verhalen aankopen of opdrachten uitschrijven.

Het systeem gebruikt de “˜linkedin-benadering”™. Mensen kunnen op de site hun eigen cv of portfolio aanmaken en krijgen een “˜reputatie”™, zoals bij bijvoorbeeld eBay gebruikelijk is. Iemand met veel positieve feedback van opdrachtgevers krijgt een hogere “˜rating”™. Deadlines niet nakomen of slechte stukken schrijven is slecht voor je reputatie. Het project van Ofir is nog altijd in een testfase. Er zitten inmiddels ruim 3000 journalisten in de database en iamnews krijgt tussen de 40 en de 50 aanmeldingen per dag.

Mediacrisis
,,Kijk maar eens hoe het werkt op een gemiddelde krantenredactie”, legt Ofir uit. ,,Als er iets in de wereld gaande is en men wil er aandacht aan besteden kijken ze over het algemeen eerst bij de persbureau”™s. Van AP tot AFP of Reuters, allemaal brengen ze hetzelfde. Wanneer dat niet afdoende is kijken redacteuren “˜of ze niet nog iemand kennen”™. Niks innovatie. Alles gaat precies zo als vijftig jaar geleden.”

De mediacrisis is volgens Ofir niet ontstaan bij de consumenten, noch bij de journalisten. ,,Het probleem zit bij de uitgevers. We moeten ze meer content aanleveren. Ze moeten diverser werken, met foto”™s, met video. We moeten de uitgevers met de wereld aansluiten.” Voor Ofir komt de crisis als een zegen. ,,Iedereen zegt nu wat ik al jaren denk: cutting the costs, keeping the content.”

Volgens Nir Ofir was het idee heel simpel. ,,Israel is klein. Er is hier geen markt voor niches. Er zijn geen vismagazines, geen glossy bladen voor fietsers. Via internet is die markt makkelijker te bedienen dan op papier.” Ofir is ruim een jaar geleden met de site begonnen. In de razendsnelle start-up wereld in Israel wist iamnews investeerders binnen te slepen. ,,We werken met vier mensen op kantoor. Twee daarvan zijn partners en ik heb een assistente. We draaien rustig. Er is weinig geld en we hebben nu weinig uitgaven. Toch wil ik op korte termijn de eerste winst binnenslepen. Hoe? Simpel. We nemen een “˜listing fee”™ van 10 dollar van de uitgevers en een “˜handling-fee”™ van 10 procent van de bijdragende journalisten.”

Voor Ofir aan dit avontuur begon werkte hij aan verschillende projecten die zich vooral bezighielden met User Generated Content. Leeswaardige content op internet aangedragen door de bezoekers zelf. ,,Er zit een groot gapend gat tussen het publiek en de uitgevers. De grote uitgevers zien dat misschien nog niet, de kleinere zelfstandigen zien het iedere dag. Er is overal op het internet fantastische content beschikbaar, enthousiaste amateurs en professionals die geen “˜exposure”™ hebben. Daar is een match. Iamnews is niet zozeer voor amateurs, maar we haken in op “˜the rise of the amateur”™. Het benadrukt hoe de markt is veranderd. Nieuws is niet langer louter het domein van grote nieuwsorganisaties. Ondertussen mag de advertentiemarkt een klap hebben gekregen, het is niet ten einde gekomen. Men wil nog altijd verkopen. Daarom komen krantenjournalisten die hun baan zijn kwijtgeraakt weer terug. Advertenties gaan door. Mensen willen toch nieuws lezen.

De journalist als middelpunt

Omdat de redactie verdwijnt staat de journalist zelf plots in het centrum van het nieuws. Het is niet langer de chef-buitenland of de redactie die de toon van de berichtgeving in handen heeft. Ofir: ,,Op blogs en bij de sociale netwerken is dat al lang zo. Het real-time web heeft een verandering teweeggebracht bij nieuwsconsumenten, dat moet nog doordringen bij de media. Redacties moeten de ruwe content kunnen stroomlijnen. Ze moeten het echte verhaal van de journalisten ter plaatse vertellen. Dat is precies wat ik met iamnews wil doen.”

Is het niet zo dat verschillende freelancers tegen elkaar op zullen bieden? En dat daarmee kwantiteit wint van de kwaliteit? ,,Misschien”, zegt Ofir. ,,Maar dat heb ik niet bedacht. Zo werkt het inmiddels.” Ik leg hem uit dat ik niet snel een complete reportage voor een klein bedrag van de hand zou doen. ,,Niet voor 50 euro”, legt Ofir uit. ,,Maar zou je het voor 5 x 50 euro verkopen? Toch verwacht ik niet dat journalisten hiermee op korte termijn in hun levensonderhoud kunnen voorzien. Het kan een leuk zakcentje zijn, maar in het begin zal niemand er een full time baan aan overhouden. In het begin is het vooral een kwestie van vertrouwen kweken bij verschillende opdrachtgevers.”

En worden journalisten daarmee niet hun eigen merk? ,,Ja en nee. Er zal vanzelf een soort a-lijst ontstaan met “˜premium-journalisten”™ die vaak stukken verkopen. Maar het leeuwendeel van de bijdragen zullen anoniem blijven. Anoniem in die zin dat het journalisten zijn die verder bij redacties onbekend blijven.” Een ander gevolg met een positievere bijklank is dat er een soort wereldwijd sociaal-netwerk onstaat voor journalisten. ,,Jij zit hier nu in Tel-Aviv”, zegt Ofir tegen me, ,,Maar hoeveel journalisten ken je hier. Een paar? Het zou te gek zijn om via iamnews direct in contact te staan met tientallen journalisten en gelijk de vinger aan de pols te hebben. Het zal in zekere zin ook een sociaal netwerk en een nieuwssite worden.”

Ook Ofir behoort tot het gilde der gemankeerde schrijvers. ,,Ik wou een aantal jaar geleden een science-fictionboek schrijven, maar kon er natuurlijk geen uitgever voor vinden. Dat frustreerde me dusdandig dat ik alles heb aangeleerd, ik wou het via internet gaan publiceren. Dat is allemaal een beetje uit de hand gelopen.” En dat boek? ,,Dat is er nog steeds niet.”

Het land van start-ups en honing

Monday, July 20th, 2009

Bladspiegel 1

Zelfs vroeg in de morgen is het al warm op Boulevard Rothschild in Tel Aviv. Tussen de platanen en kantoorgebouwen liggen cafés en terrasjes. Soldaten flirten met flanerende meisjes. Er is zoveel licht dat er zelfs met een zonnebril weinig te zien is op een laptop. De kelner komt met een parasol en we vragen of er een wifiverbinding is. “Natuurlijk!”, zegt hij met een blik vol ongeloof. “œKijk eens om je heen. Daar achter is het hoofdkwartier van Google, verderop zit Microsoft en hier zit Yahoo. Dit is Tel Aviv, je denkt toch niet dat ik hier een zaak kan runnen zonder een draadloze internetverbinding?”

Op het eerste oog is Tel Aviv een moderne, mondaine badplaats. De stad, de brede boulevards en de hotels langs de kustlijn hebben meer weg van Californià« dan van alles waar je aan denkt bij het Midden-Oosten. In dit kleine stuk land met zeven miljoen inwoners zijn echter meer tech-bedrijfjes, start-ups en internetinitiatieven te vinden dan waar ook ter wereld. (more…)

Yahweh Boogie

Monday, May 25th, 2009

Israel ““ a spiritual place in the Holy Land? A country to relax, get yourself together and experience some biblical epiphany? Yeah right. Maybe in Jerusalem, but surely not in Tel-Aviv, the white city that just doesn’t stop clubbing, dining and dancing (for Element Moscow)

Pass that on

No matter what time of the year you’ll fly, you’ll always will be surprised by the intense heat that slaps you in your face as soon as you set a step outside of the airport. Better put sunglasses on, as Tel-Aviv is a bright- shiny and foremost white city. Even at night the city’s lights shine. You’ll sense there is a party going on, and probably you’re right.

Those who fear the harsh sounds of Hebrew shall not worry, Russian is widely spoken through the city. Taxi drivers, travel-agency’s, businessmen and even police-officers speak fluent Russian. If they or their parents didn’t migrate to Israel from the Soviet-Union they’ve learned it in school. And if your Russian isn’t all that: English will get you everywhere.

Tel-Aviv is famous for it’s sparkling nightlife and most of it’s clubs and bars are all found around the marina in the northern part of town. TLV is the biggest of them all, and it’s bigger then you can imagine, their fantastic sound-system will blow you away. Not in the mood yet? Head out for some fresh oysters in the nearby seafood restaurant Mol-Yam. Bored with oysters? Do as the author did several times and try the grilled langoustine. When ready to go again, just hop in and out of all the little bars, pubs and discotheques in the port-area.

After a couple of days you’ll discover that boulevard Rothschild is the central place of all activity in Tel-Aviv. It’s got amazing trees on each side and a couple of nice fountains, small parks and kiosks circled around the city. Now with ‘kiosks’ you’ll probably think of the Muscovite cabins in which angry women sell you cigarettes and beer. In Tel-Aviv, it’s amazing little espresso-bars and even whops a full-blown technicolor sushi-bar. In case you’re fond of chocolate, make sure to get a hold of a little box of Max Brenners chocolate.

Rothschild boulevard crosses Allenby-street, which heads straight for the beach. The complete coastline of the city is one big beach which, apart from when the sun is at it’s peak, is packed. You thought Israel was a conservative country? Think again. Ladies, bring the best bikini you have and men, or fear being laughed at by handsome Israeli’s. When the sun goes down, have a stroll towards Jaffo, the old Arabic port just half an hour away by foot. There’s a small harbour, a little market square and hundreds of nice little eateries.

One a lost night, head for Scotts Pub on Allenby Street and try your hand on the cracked and cripple pool table where locals and foreigners alike hang around, watch football-games and drink pints. The place gets pretty rough towards the morning, so make sure to get out before things get out of hand. On quiet moments, it’s the best place in town to find Israeli soldiers, foreign volunteers and airforce-pilots amoung your news friends. Scott’s army of pretty barmaids will happily serve you burgers while drinking.

To fight early morning hangovers, we recommend 0,7 liters of freshly squeezed and mixed fruits. Go to Sheinkin-street and you’ll find loads of them. Although they all look a like and all have the same owner, we’ve got the best drinks at the last of them down the road from Allenby. It’s all fresh and for the equivalent of 100 roubles you’ll have enough vitamins to last for another 24 hours in Tel-Aviv.

TIPS FOR TRAVELERS:

“¢ Where to stay “” If you want to stay in style, consider ‘Hotel Montefiore‘, which hosts elegant rooms, wonderful terraces and comes with a personal library. Yes. A personal library. Otherwise, head down to the boulevard and check in one of the many Hiltons, Sheraton’s or Holiday Inn’s

“¢ Visas “” Earlier this year, Israel cancelled visa’s for Russian nationals. It does however pose a set of different rules and conditions, one of them includes having a return ticket back to where you came from. Whatever passport you have, it’s always good to check up on the lastest rules with your local Israeli embassy.

“¢ Money “” They call them shekels and they are made out of plastic. Don’t bother changing your rubles into dollars in Moscow as in Tel-Aviv they’ve got better exchange rates. ATM’s are everywhere, credit-cards are accepted and here and they you can pay in dollars.

“¢ Getting there “” Nearly every international Russian airline has a direct connection to Tel-Aviv. El-Al departs from Domodedovo, and has the record of the worlds safest airline. It also has the toughest security check you’ll ever experience. On a budget? Consider a stopover in Kiev with Aerosvit that has good deal to Israel.

“¢ Getting around “” Tel-Aviv has a network of marshrutka’s around the city. They’re cheap and fast. You left Russia exactly because of marshrutka’s? Just flag down on of the many white cabs. The ‘non-labeled’ ones are private taxi’s, the ones that carry a flag are owned by bigger companies, the latter of which is the cheaper and safer choice.

Joris en de 18e-eeuwse zedenroman

Tuesday, July 22nd, 2008

Twee maanden geleden kwam “˜Het Maakbare Nieuws”™ uit. Een boek als antwoord op de mediastorm die Joris Luyendijk deed opwaaien. De Nieuwe Reporter schoof in een Haags café aan bij Coen van Zwol, één van de buitenlandcorrespondenten die een bijdrage leverde. Over verschillende soorten journalisten, het “˜duh!”™-gevoel en rookgordijnen.

“˜Er zijn twee soorten journalisten”™, denkt van Zwol. “˜Mensen die het als hun roeping zien en hun hele leven aan de journalistiek verbonden blijven, en zij die het tijdelijk oppakken tot ze er op uitgekeken zijn.”™ Van Zwol zelf is duidelijk het eerste type journalist. Hij begon in 1992 bij de stadsredactie van NRC Handelsblad, schreef van 1994 tot 1999 veel over de Balkan en werkte van 2000 tot 2007 als correspondent in Moskou. Inmiddels zit hij alweer een jaar op de Haagse redactie en binnenkort gaat hij bij zijn krant als filmcriticus verder.

“˜Joris Luyendijk is meer dat tweede type journalist. Iemand die de journalistiek als uitdaging ziet en later andere dingen gaat doen. Boeken schrijven, of radio- en televisiemaken bijvoorbeeld. Mijn voorganger in Moskou, Frank Westerman, was ook zo. Of denk aan Geert Mak. Sommige mensen passen nu eenmaal niet in een groepsgeest, of functioneren slecht binnen een redactie.”™

“˜Joris was onervaren toen hij begon, maar niet zo naà¯ef als hij zich voordoet”™, weet van Zwol. “˜Hij is in zijn tijd iets te dicht bij een bomaanslag geweest. Dat komt in zijn boek niet terug. Hij gebruikt het procedé van een achttiende-eeuwse zedenroman. Dorpsmeisje komt in de grote stad, verliest haar onschuld en voor je het weet staat ze in een bordeel.”™

Duh!
Bovendien waren het wat Coen van Zwol betreft veel open deuren, die inzichten van Joris Luyendijk. “˜Allemaal “˜duh!”™-momenten. Natuurlijk is de pers niet neutraal. Natuurlijk speelt men kluitjesvoetbal en natuurlijk ben je als journalist niet slechts waarnemer, maar zelf ook onderdeel van de informatieoorlog. Duh!”™

De macht van de persbureaus bijvoorbeeld “˜Duh! Natuurlijk zijn die sneller en komen die met nieuws dat je als gewone correspondent niet bij kan benen. Maar ze schudden je wel wakker. En gelukkig hoef je als correspondent niet zelf achter alle kleine nieuwsfeitjes aan.”™

“˜Of dat de taal niet neutraal is en de één z”™n terrorist de ander z”™n vrijheidsstrijder is. Nogal wiedes! Zulke dingen zijn met de pen op te lossen”™, weet Van Zwol. “˜Ik noemde de Tsjetsjeen Sjamil Basajev eerst een “˜rebellenleider”™. Na de gijzeling in Nord-Ost en de tragedie in Beslan ben ik hem een terrorist gaan noemen. Hij schepte er nota bene zelf over op. Zulke taalkwesties kun je bovendien met een redactie makkelijk oplossen.”™

Ook het kluitjesvoetbal valt volgens Van Zwol wel te nuanceren. “˜Toen ik voor het eerst in Sarajevo aankwam zat iedereen in het Holiday Inn. En natuurlijk speelt men elkaar verhalen door. “˜Ben je nieuw hier? Je moet daar eens gaan kijken!”™. Maar wat moet je anders? Gewoon in je auto stappen en een paar rondjes maken?”™

Rookgordijn Rusland
Informatie in Rusland is soms net zo onbetrouwbaar, ondoorzichtig en ingewikkeld als in het Midden-Oosten. Overal staan belangen op het spel.

“˜Je kunt weinig met absolute zekerheid zeggen”™, aldus Van Zwol. “˜Denk aan die serie flats die in 1999 werden opgeblazen. Het gaf de directe aanleiding tot de tweede Tsjetsjeense oorlog. Dat kwam het regime wel heel goed uit. In de stad Rjazan was er zo ongeveer een ontmaskering. Flatbewoners zagen twee mannen in een auto met een kenteken uit Moskou allerlei verdachte spullen een kelder inladen. Toen de politie arriveerde bleken het explosieven. Al snel was een terroristische aanslag verijdeld. Het hele land was in rep en roer, maar het bleek dat er iets anders aan de hand was. De getapte telefoongesprekken van de twee mannen liepen rechtstreeks naar het hoofdkwartier van de FSB.”™

“˜Een smoking gun, maar geen keihard bewijs. Als journalist heb je meestal niet meer te bieden dan waarschijnlijkheid. Dat is een kwestie van puzzelen. Denk ook aan de affaire Erkel. Wie zat er achter zijn kidnapping? Waarom? Hoe is hij vrijgekomen? We weten het nog steeds niet. Maar dat betekent nog niet dat je geen journalistiek kunt bedrijven.”™

“˜Joris Luyendijk heeft geen ongelijk, ik kan alleen zijn conclusies niet delen”™, legt Van Zwol uit. “˜Journalisten maken fouten en dus kunnen we er maar beter mee ophouden? Er gaat ook een hoop fout in de gezondheidszorg, maar we sluiten toch ook geen ziekenhuizen?”™

“˜In de eerste plaats zijn er altijd feiten te vinden. Denk bijvoorbeeld aan het schimmige geroddel over de opvolging van president Poetin. Niemand wist het. Maar uiteindelijk zit er toch iemand op de troon, daar kun je niet om heen. In de tweede plaats, het rookgordijn rondom Arjan Erkel zegt veel meer over Rusland dan een eventuele ontknoping.”™

Blog als bijsluiter
Luyendijk geeft in zijn boek een aantal suggesties mee. Een journalist zou bijvoorbeeld tegen het eind van het jaar alle blunders en fouten voor de lezer op een rijtje kunnen zetten. Een ideetje dat oorspronkelijk afkomstig was van Van Zwol. “˜Helaas willen ze daar bij de krant niet aan, maar dat zou toch leuk zijn? Een jaarlijkse afrekening, dat zou je geloofwaardigheid ten goede komen.”™

“˜Beter nog kun je een weblog bijhouden”™, weet van Zwol inmiddels. “˜Daar is ruimte voor het verhaal bij het verhaal, de voetnoten, de moeilijkheden en de fouten.”™