Standplaats Moskou – De bistrorevolte

Ze mogen gerust mijn telefoon afluisteren, ze mogen interviews verstoren. Ze mogen me ‘s ochtends vroeg wakker bellen en zelfs hinderlijk volgen. Maar van mijn stamkroeg blijven ze af.

Ze hebben weinig tot niets met elkaar gemeen, de losse alliantie van kwade jongeren, felle nationalisten, oude communisten en oppositiefiguren. Behalve één ding dan: ze zitten allemaal in dezelfde cafés. Ik kom er al jaren, de bistro’s van Jean-Jacques, Majak of John Donn aan de Nikitski-boulevard. Ze zijn vierentwintig uur per dag open, je kunt er ver na middernacht nog een zware maaltijd nuttigen en er zijn altijd wel vrienden of bekenden te vinden. Vroeger ging het in de cafés over van alles, behalve politiek. Het was altijd een onderwerp dat zo zwaar, zo cynisch en zo ingewikkeld was dat je het bij een paar glazen wijn maar beter over iets anders kon hebben.

Maar na de massale fraude bij de parlementsverkiezingen afgelopen december sloeg de sfeer om. Plots had iedereen het over politiek. Een paar tafels verderop besprak de oppositie de tactiek. Op servetten en bierviltjes werden plannen gemaakt. De dag daarna zouden duizenden mensen de straat op gaan. Het lukte, en sinds begin december zijn de stamgasten permanent dronken. Van revolte en dure wijn. De sfeer is bijzonder, er hangt een gemeenschappelijk gevoel dat het allemaal morgen voorbij kan zijn. En dus moet er gedronken worden. Toen aan de vooravond van het eerste protest het Kremlin de stad liet belegeren was de stemming in Majak euforisch. ‘We moeten van elkaar houden, morgen worden we doodgeschoten!, riep een bekende filmregisseur. De champagnekurken vlogen in de rondte, op het toilet werden kinderen verwekt.

Het Kremlin heeft ondertussen de tegenaanval geopend. Een aantal hooggeplaatste ambtenaren lieten in de media weten dat de zittende macht niet hoefde te luisteren naar de eisen van ‘die paar dronkelappen in Jean-Jacques’. Een paar dagen geleden liep het uit de hand. Vrienden belden in paniek. ‘Olaf! Nasji heeft de Nikitski-boulevard bezet! We kunnen de cafés niet in!’ Ik heb de afgelopen jaren genoeg te maken gehad met Nasji, de jeugdige knokploeg van Poetin. Ze verstoren je interviews, bellen je midden in de nacht of vallen je op andere manieren lastig. Maar dat ze alle tafels in Jean-Jacques, Majak en John-Donn zouden reserveren, dat had niemand gedacht. Uit alle delen van Moskou kwamen de oppositiefiguren, de schrijvers, acteurs en journalisten naar de cafés om hun tafels terug te claimen. Nasji had al de benen genomen. ‘Ze mogen alles flikken’, zei de filmregisseur. ‘Ze mogen mijn stem frauderen, ze mogen mijn vrienden oppakken en al mijn vrijheden afnemen’, zei de filmregisseur. ‘Maar van mijn stamkroeg blijven ze af’. En zo is het.