NU.nl – Covergirl keert zich tegen Kremlin

Thursday, December 29th, 2011

Het blonde meisje stond eenzaam tussen de boze mannen. Ze aarzelde, keek nerveus op haar telefoon en liep toch het podium op.

Foto:  AFP

‘Ik ben Ksenia Sobtsjak’, zei ze. De Sacharov-prospekt stond vol met demonstranten. Nog nooit sinds de val van de Sovjet-Unie waren er zoveel mensen op de been. Ze aarzelde geen seconde. ‘Ik ben Ksenia Sobtsjak en ik heb iets te verliezen’.

Dat heeft ze zeker. Ksenia Sobtsjak is in feite de Russische Paris Hilton, al is ze een stuk slimmer. Net als de Hilton-erfgename komt de Russische TV-presentatrice van een goede familie. Haar vader was Anatoli Sobtsjak, de eerste burgemeester van Sint-Petersburg, en vooral de man die de kleine corrupte ambtenaar Vladimir Poetin een carriere gaf.


Huilen

Poetin smokkelde zijn leermeester het land uit toen die bij het Kremlin uit de gratie viel. Een paar jaar later overleed hij, Poetin huilde op zijn begrafenis. Laat ik dat herhalen. Poetin huilde op zijn begrafenis.

Ksenia presenteerde later de ranzige Russische versie van Big Brother, knalde Porsches aan flarden en was een duurbetaalde gast in decadente nachtclubs. Ze was covergirl van het Kremlin, het mooie blonde gezicht van het extravagante nieuwe Rusland.

Tot vorige week. Bijna niemand hoorde het, maar op het podium tussen de boze mannen riep de kleine Sobtsjak om nieuwe verkiezingen en nieuwe oppositieleiders. Een paar dagen later was ze te gast op de redactie van een TV-programma. In amper een maand tijd is ze van een giechelende show-girl een activiste geworden. Ze heeft genoeg van de leegte en rekent af nu met de politieke vriend van haar vader.

Westerse pers

‘Poetin is geen slecht mens’, zei ze. ‘Hij is op dit moment gewoon een slecht politicus’. We konden rustig praten in de coulissen. ‘Weet je wat het probleem is? Iedereen probeert de nieuwe Poetin te vinden. Maar ze moeten het systeem veranderen, we hebben een systeem nodig waarin geen Poetin bestaat’.

Ze is een van de weinigen die Poetin goed kent en hem durft te beoordelen. ‘Er is geen weg meer terug’, legt ze uit. ‘Iedereen weet al dat ik aan de kant van de demonstranten sta. De Westerse pers zal wel schrijven dat het een teken aan de wand is dat zelfs een societymeisje als ik ben overgelopen. Dan kan het vast niet meer lang duren’.

Bij deze.

NU.nl column – Met een Sojoez kom je altijd thuis

Thursday, December 22nd, 2011

Het lijkt wel een ski-resort. In de bossen buiten Moskou valt de eerste sneeuw. De lucht is brandschoon, de naaldbomen maken het plaatje compleet. Tot iemand een raketmotor ontsteekt en het hele complex op z’n grondvesten staat te trillen.

Twee weken geleden was ik in Sterrenstad te gast bij André Kuipers. Het trainingscentrum net buiten Moskou lijkt nog het meest op een filmset uit de jaren ‘70.

Er staan modules, halve installaties en enorme computers. Overal knipperen lampjes, alles piept en kraakt. Je bent de hele tijd op je hoede omdat ieder moment James Bond uit een capsule kan springen.

‘Het ziet er oud uit, maar dat wil niet zeggen dat er aan de binnenkant niets veranderd is’, legt Kuipers uit. Hij is juist gerust dat de oude systemen ook nog werken. ‘Zelfs al zouden alle computers uitvallen, dan hebben we nog een heel robuust systeem om toch nog mee te kunnen manoeuvreren. Met een Sojoez kom je altijd thuis’.

Blokken

Ondanks zijn vreemde blauwe pak en het truttig gestikte Nederlandse vlaggetje is de boomlange Kuipers een indrukwekkende verschijning. Zijn Amsterdamse tongval, en vooral zijn enthousiasme werkt aanstekelijk. ‘Ik wilde altijd nog een keer terug, en dat ga ik nu eindelijk doen’.

Hij mag inmiddels zelf een hoop kinderen hebben, zijn ogen fonkelen bij de gedachte nu voor een half jaar in een baan om de aarde te cirkelen. Al is het afzien. ‘Ik moet allerlei testen doen en examens afleggen. Dan ben je 53 en zit je nog steeds nerveus te blokken voor een examen’.

Kamperen

Bovendien heeft het internationaal ruimtestation ISS één groot nadeel. Het stinkt een uur in de wind. ‘Ga maar na’, legt André uit. ‘Het oudste deel is in 1998 gelanceerd. Het is natuurlijk nooit echt goed schoongemaakt. We proberen het wel, toch groeit er schimmel. Ik zeg het maar, het stinkt er gewoon’.

Gelukkig zit zijn portie meegebrachte oude kaas luchtdicht verpakt. ‘Net als de stroopwafels, de Verkade-koekjes en de Haagse Hopjes’, lacht André. Eigenlijk kom je in de ruimte niets te kort’.

‘Ach weet je’, zegt ‘ie. ‘Het is eigenlijk gewoon een half jaar kamperen’.

NU.nl column – De revolutie als een live-stream

Thursday, December 8th, 2011

Afgelopen zondag, toen de stembussen in Rusland sloten en de schoolmeesters, ziekenhuisdirecteuren en raadsleden de laatste valse stembiljetten in de stembussen moffelden, stond Dimitri rustig tussen de oproerpolitie op het Triomfplein in Moskou.

Foto:  Novum

Het waren dezelfde demonstranten die altijd de straat op gaan, een kleine groep van hooguit 200 activisten.

‘Eerlijke verkiezingen!’ schreeuwde hij plots. Hij hield de telefoon waar hij druk mee in de weer was als een vuist in de lucht. ‘Ik wil eerlijke verkiezingen. Eerlijke verkiezingen, verdomme!’
De oproerpolitie duwde ons in een hoek. ‘Ik doe dit voor mijn eigen veiligheid’, legde Dimitri uit.

Een paar activisten vochten terug, langzaam werden we naar de roltrappen van de metro gedrukt. ‘Het is een live-cast, er kijken nu 200 mensen mee. En die kijken ook wanneer ze me straks oppakken’. De beelden van zijn telefoon gaan rechtstreeks online. Een paar minuten later kreeg hij een klap van een agent en smeten ze hem ondersteboven in een arrestantenbus.

iPhone-generatie

Niet alleen de boomlange Dimitri moest het ontgelden. Ook de pers, de waarnemers en zelfs toevallige voorbijgangers waren de klos. Toen bijna iedereen was opgepakt ben ik in een sushi-restaurant gaan zitten. De Oezbeekse ober nam gewoon op, met zijn pen schreef ik op de achterkant van een kassabon de opzet voor een reportage.

De iPhone-generatie demonstreert alleen online, ze kijken liever naar live-casts dan dat ze daadwerkelijk komen protesteren. Een decennium Poetin heeft ze cynisch gemaakt en vooral in politieke zin murw geslagen.

Paniek

Maar de volgende dag gebeurde er iets bijzonders. Zo’n 10.000 mensen verzamelden zich op een plein. Het waren allemaal mensen als Dimitri. Jong, hoogopgeleid, en vooral – niet langer bang. De nieuwe generatie Russen waarvan iedereen dacht dat ze nooit in opstand zouden komen.

De macht in het Kremlin raakt in paniek. Tienduizenden ordetroepen bewaken de straten, nieuwssites worden uit de lucht gehaald en de staatstelevisie opent het nieuws met het onthaal van het Russische volleybal-team.

‘Geen Twitter-revolutie in Rusland’, schreef ik die zondagavond achterop de rekening van het sushi-restaurant. Wist ik veel dat ze ‘m zouden live-casten.

‘Journalistiek vraagt lef’

Tuesday, March 17th, 2009

UPDATE: De lezers van NU.nl, heil! Ik mag er inderdaad graag en veel op wijzen ANP-berichten in zekere zin de kranten uithollen. Ik werkte ooit als ’stringer’ in Moskou voor het ANP. Ik schreef de kranten vol met nonsens-berichten van het type ‘man-bijt-hond’. U wilt voorbeelden? Hier vijf prachtige voorbeelden. Is dat erg? Nee. Persbureau’s zijn een noodzakelijk kwaad. Maar, zoals Arjan Dasselaar in zijn column helder uiteenzet, je moet niet vreemd opkijken als je lezers op termijn weglopen. Duiding is het nieuwe nieuws. En daar liggen fantastische kansen voor journalisten.

‘Journalistiek vraagt lef’

Een krappe twee weken geleden in de mail: ‘Ik ben op zoek naar een journalist 2.0, hopelijk ben jij dat’. Misschien wel. Het is wel eens leuk om interviews te geven in plaats ze altijd maar af te nemen. Ik sprak een half uur met Stijn Cools van de opleiding journalistiek aan de Lessius Hogeschool in Antwerpen. En da’s een aardig stuk geworden. Meer bij masterjournalistiek.blogspot.com

Amper 23 jaar is Olaf Koens. Toch mag hij zich al correspondent in Moskou noemen. Zijn 2.0-benadering van journalistiek maakt dat hij de crisis in de mediasector handig weet te omzeilen. Hij twittert een retourtje naar Teheran en hoopt dat een schoenenmerk zijn journalistiek werk wil sponsoren. “œJournalisten moeten commercià«ler leren denken”, laat hij via Skype weten.

Koens werkt als freelance correspondent voor de GPD (Geassocieerde Persdiensten) in Rusland en de voormalige Sovjet-Unie. Hij maakt ook stukken voor de meest uiteenlopende publicaties: van De Nieuwe Reporter tot The Moscow Times, van Vacature tot France24.

Web 2.0 is een enorme hulp voor zijn journalistiek werk, vertelt hij. “œIk begin mijn dag met doorlezen van mijn Netvibes. Dat is eigenlijk een enorme RSS-reader. Ik volg blogs, nieuws- en fotosites van over de hele wereld. Met dat door te lezen, ben ik snel weer een paar uur verder.”

Koens is een onvervalst pleitbezorger van verschillende Google-toepassingen.”Gmail, Gmail-chat, Google Calender en Google Translate gebruik ik in mijn dagelijkse werk. Dan is er ook nog Flickr, waarop ik mijn foto”™s bewaar. Als een redactie me om een foto vraagt, dan stuur ik ze gewoon link naar de foto op Flickr door.” Ook van Skype is hij een enthousiast fan: zowel voor journalistiek werk als om contact te houden met het thuisfront.

Schiphol – Teheran

Twitter was geen liefde op het eerste gezicht. “œIk stond er eerst heel erg sceptisch tegenover. Dacht dat het volstond met nutteloze boodschappen à  la “œik ga naar het toilet”. Na verloop van tijd begon ik in te zien dat het toch wel zijn nut heeft.”

“œBijvoorbeeld de crash van het vliegtuig nabij Schiphol. Dat las ik eerst op Twitter. Ik ben meteen in de databank van AP (Associated Press) gaan kijken. Daar stond niets in. Pas tien minuten later heeft AP het nieuws opgepikt. Twitter is sneller.”

Met Twitter is hij er zelfs in geslaagd een reisje naar Teheran te financieren. “œIn november wou ik naar Iran. Mijn geplande reportages kreeg ik echter nergens verkocht. Een vliegtuigticket had ik al betaald. Op Twitter heb ik dan ik dan gezegd dat ik naar Iran vertrek, iedereen kon een verhaal bij me bestellen. Het heeft zestien minuten geduurd voor @brewbart zich meldde, de hoofdredacteur van Sp!ts, Bart Brouwers.”

Daarnaast is Twitter ook een gigantische vraagbaak voor Koens. Met bijna duizend volgelingen zal er altijd wel iemand zijn die het antwoord weet op een prangende vraag die hij via Twitter de wereld instuurt. “œIk zoek een tijdschrift over geschiedenis. Ken jij er één? Nee, wel op Twitter kreeg ik in geen tijd vijf namen van relevante tijdschriften toegestuurd.”

Portfolio

Op de vraag of hij wel eens sociale media gebruikt voor zijn stukken te schrijven, repliceert Koens dat hij Twitter tot de sociale media rekent. “œToen ik naar Iran ging, heb ik gewoon Twitteraars uit Teheran gezocht. Een paar heb ik ter plaatse ontmoet.” Facebook gebruikt hij liever om contact te houden met vrienden.

Met www.olafkoens.nl heeft hij ook een eigen blog. “œEigenlijk is dat begonnen om mijn vrienden op te hoogte te houden van wat ik aan het doen was. Toen ik met de blog begon, was ik nog geen professioneel journalist.”

Ondertussen is de blog uitgegroeid tot een professioneel visitekaartje. “œAls beginnend journalist moet je een portfolio hebben. Ik plaats er artikelen op die niet verschenen zijn, of zet er stukjes op uit artikelen die nog moeten verschijnen”.

Media.com/denieuwereporter.nl

Wat de hype na Twitter wordt, daar wil Koens zich niet aan wagen. Wel deze voorspelling voor de toekomst: “œConversie gaat erg belangrijk worden.” Hij illustreert het met een voorbeeld: “œDe mediabijlage van De Morgen media.com, nu betaalt de krant daar heel wat geld voor. Daar moeten pakweg twee redacteurs voor betaald worden. Het kan goedkoper.”

“Op het internet heb je valabele alternatieven als De Nieuwe Reporter en Bright. Daarmee kan De Morgen het op een akkoordje gooien om stukken over te nemen. Dat zal de krant minder geld kosten. Ik denk ook dat binnen een mediaconcern de verschillende media berichtgeving aan elkaar cadeau zullen doen. Van een blad bij de Persgroep naar een Persgroep-krant, bijvoorbeeld.”

Dat gaat ten koste gaan van dagbladjournalisten, erkent hij, maar niets is onmogelijk. “œKijk naar mij: ik ben 23 jaar en ben correspondent in Moskou. Het gaat misschien slecht in de media, maar er zijn nog steeds veel kansen. Belangrijk is het hoofd boven water te houden, doen wat commercieel interessant is.”

Een voorbeeld: “œIk kan hetzelfde onderwerp verschillende keren verkopen. Dan schrijf ik een kort nieuwsbericht voor een krant en maak een langer stuk voor een tijdschrift over datzelfde onderwerp.”

Schoenensponsoring

Toch is het niet gemakkelijk rondkomen als freelance journalist in Moskou. “œIk verdien minder dan de gemiddelde fabrieksarbeider bij Renault in Belgià«. Ik ben nu echter al een tijdje met een schoenenmerk aan het praten. We zijn aan het bekijken hoe ik pas in hun mediacampagne.”

“œEen idee is om ervoor te zorgen dat een paar schoenen van een bepaald merk om de zoveel foto”™s onopvallend getoond wordt – ik fotografeer ook. Als ik bijvoorbeeld een verhaal in een hotel maak, dan kan ik ergens in een hoek wel een paar wegmoffelen en dat op foto zetten.”

Niet erg orthodox. “œInderdaad, maar het moet wel kunnen, vind ik. De kranten doen het al jaren. Een column in de donderdagkrant kan zo geschreven zijn door een hypotheekmakelaar, bij wijze van spreke. Als de kranten het doen, waarom zouden de journalisten het dan niet mogen doen? Journalisten moeten commercià«ler leren denken, zo kunnen ze overleven in de huidige mediacrisis. Anders gaan ze definitief mee ten onder.”