Marcheren langs de schaduw van Stalin

Monday, May 10th, 2010

In de aanloop naar de viering van het einde van de Tweede Wereldoorlog waren er in de hele voormalige Sovjet-Unie tal van incidenten over het nalatenschap van Sovjet-leider Jozef Stalin. In verschillende delen van Rusland duiken er Stalin-portretten en posters op. President Dimitri Medvedev liet deze week duidelijk weten dat zijn misdaden niet mogen worden goedgepraat. Volgens critici is er een gebrek aan debat.

Beeld
Een Stalinbeeld in de tuin van het Stalin-museum in Gori

De knappe 24-jarige Sophio denkt lang na voor ze een antwoord geeft. ,,Hij heeft een hoop goeds gedaan en was van simpele komaf. Daarom houden we van hem. Ja, er is ook veel kritiek. Maar iedereen doet toch wel eens wat verkeerd?” Sophio komt uit de Georgische stad Gori en geeft met lichte tegenzin rondleidingen in het Stalinmuseum. Ze heeft een sportieve winterjas aan, geld om de verwarming in het enorme gebouw op te steken is er niet. Pas wanneer er bezoekers binnenkomen gaan de lichten aan. De man die miljoenen mensen de dood injoeg wordt in zijn geboorteplaats als held vereerd. ,,Hij was de enige Georgiër die de wereld zo in z’n greep heeft kunnen houden”, zegt ze. Ook de Russische overheid heeft altijd een ambivalente verhouding met de dictator. Vladimir Poetin noemde het einde van de Sovjet-Unie ooit ‘de grootste tragedie van de 20e eeuw’. President Medvedev haalde echter deze week echter hard uit naar mensen die de misdaden van Stalin goedpraten. ‘Het maakt niet uit hoe hard hij werkte en wat voor successen er onder zijn leiderschap zijn geboekt. Wat hij met zijn eigen volk heeft gedaan mag nooit worden vergeven.’

In de aanloop naar 9 mei, de dag waarom Rusland de overwinning op nazi-Duitsland viert, waren er in de hele voormalige Sovjet-Unie tal van incidenten over het nalatenschap van de dictator. Hoewel bijna niemand zijn misdaden in twijfel trekt zijn veel Russen van mening dat de overwinning tijdens de Tweede Wereldoorlog aan hem te danken is. De Moskouse burgemeester was van plan de stad vol te hangen met Stalin-posters, maar na een golf aan kritiek kwam hij daar op terug. Veel analisten waren bang dat de Britse, Franse, Amerikaanse en Poolse troepen op het Rode Plein dit jaar ook onder een poster van Stalin door zouden marcheren. Dat is zondag uitgebleven. Het stadhuis drukte slechts een klein aantal Stalin-posters die onder de verschillende musea van de stad werden uitgedeeld. In de Moskouse metro doken wel posters van Stalin op en in verschillende steden zijn oude propagandaposters afgestoft om de 65-jarige overwinning op het fascisme te vieren. In Sint-Petersburg werd het portret van de dictator op een stadsbus geschilderd. De bus werd later het doelwit van activisten en is inmiddels uit de roulatie. In de Zuid-Oekraïnse stad Zaporizjija onthulde de communistische partij een standbeeld voor Stalin, iets wat bijna een veldslag opleverde tussen voor- en tegenstanders. Vorige week werd in Volgograd een zakenman die de drijvende kracht achter het lokale Stalin-museum om het leven gebracht.

Volgens de Peterburgse historicus Boris Kolonitski is er een gebrek aan debat. ,,Het probleem is dat de afbraak van de Stalin-cult die door Chroesjtsjov is ingezet nooit is afgemaakt. Het volk was daar toen nog niet klaar voor”, legt hij uit. De afgelopen jaren doken er in verschillende delen van Rusland schoolboeken op waarin de misdaden van Stalin nagenoeg ontbraken en de tekst zijn kwaliteiten als ‘effectief manager’ prees. ,,Met de geschiedenis is hier nooit afgerekend. Bovendien was dat proces in bijvoorbeeld de voormalige DDR veel makkerlijker doordat men de Russen of de Engelsen de schuld in de schoenen kon schuiven. Wij hebben het louter aan onszelf te danken.” Veel vooruitgang in de discusise is er volgens Kolonitski niet. ,,De overheid is vooral bezig een hoop zaken goed te praten en durft bijvoorbeeld niet openlijk te spreken over de manier waarop Stalin onze legers de dood heeft ingejaagd. Ik zie dan ook geen dialoog maar vooral manipulatie. En zo kom je als samenleving nooit verder.”

‘Ik denk wel eens dat ik zo lang leef omdat ik het allemaal moet vertellen’

Sunday, May 9th, 2010

De 91-jarige schrijfster Jelena Rzevskaja trok als legertolk langs verschillende fronten en kwam met het Sovjet-leger in de eerste colonnes naar Duitsland. In het brandende Berlijn liep ze drie dagen met de kaak van Adolf Hilter onder haar arm. 65 jaar later blikt ze terug op haar jeugd, de oorlog en de tijd daarna.

Rzjevskaja

Wanneer de 91-jarige Rzjevskaja voor de derde keer belt om een afspraak te verzetten klinken de tranen door in haar stem. ,,Het spijt me zo verschrikkelijk, nu zijn er weer allerlei jongelui van de televisie over de vloer. Zullen we het morgen proberen? Ik hoop dat ik me dan beter voel”. Op 9 mei is het precies 65 jaar geleden dat nazi-Duitsland de capitulatie tekende en er een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog, een ontknoping die Rzjevskaja van dichtbij meemaakte. Terwijl het Sovjetleger de overwinning vierde in Berlijn liep zij met een bordeauxrode doos onder haar arm met daarin de ongedeerd gebleven kaken van Hitler, op zoek naar een tandarts die hem kon identificeren. ‘Op deze bizzare manier raakte mijn lot verweven met de geschiedenis van Duitsland’, schrijft Rzjevskaja in de inleiding van het boek ‘Tolk in oorlogstijd’, dat recentelijk ook in Nederland is uitgegeven. In de aanloop naar het jubileum zijn in Moskou al weken de straten versierd en maken alle Russische media jacht op het verhaal van de tolk in oorlogstijd.

De kwieke 91-jarige vrouw schuifelt verloren door haar ruimte appartement aan de Leningrad-prospekt. De verschillende kamers zijn vol van boeken, manuscripten en foto’s. ,,Die foto’s van mijzelf hangen hier normaal natuurlijk niet, dat moest voor de televisie”, zegt ze. Een jonge Kazachstaanse hulp in de huishouding zet koteletjes met aardappelpuree op tafel. ,,Echt lekker is het niet, maar we moeten het er maar mee doen”, verzucht Rzjevskaja. Ze is blij dat haar werkt nu over de hele wereld verschijnt en in allerlei talen verschijnt. ,,Toen mijn eerste boeken hier uitkwamen was dat een sensatie. In de kranten stond toen ik er jarenlang gevangenisstraf voor zou kunnen krijgen”.

Rzjevskaja komt uit een Joodse familie in wat tegenwoordig Wit-Rusland is. ,,Mijn beide ouders hebben geluk gehad. Mijn vader werd toegelaten aan de universiteit in Sint-Petersburg en mijn moeder ontsnapte maar bijna een pogrom omdat ze bij een priester in huis was getrokken”. Aan het Moskou van voor de oorlog heeft Rzjevskaja louter goede herinneringen. ,,Het was een prachtige stad, je kwam er vanalles tegen. Dansende beren, goochelaars of zelfs Chinese vrouwen met ingebonden voeten. Aan de vreugde kwam in 1937 een abrupt einde. ,,Mijn vader werd uit de partij gezet. Toen hij diezelfde avond vrienden probeerde te bellen of er nog werk was bleek de derde al opgepakt. Het was een angstige tijd. Ik was eens de sleutel vergeten en moest ’s avonds laat aanbellen. Mijn vader is in de kast gesprongen, zijn rugtas stond al klaar. Zo groot was de angst.”

Rzjevskaja studeerde later aan een bekend instituut voor de letteren en hoefde zich aanvankelijk niet voor de dienst te melden. ,,Ik was geen verpleegster en dus hadden ze me niet nodig. Later zijn we onder het mobilisatieplan in een klokkenfabriek gaan werken. Maar toen ik hoorde dat er vertaalsters nodig waren ben ik direct vertrokken. Niet dat ik zo goed Duits sprak, maar in ieder geval een beetje.” Het zijn de laatste dagen van de oorlog die haar het scherpst voor de geest staan. ,,De weg naar Berlijn viel mee. We waren alert op bommenwerpers, maar de laatste kilometers was er weinig weerstand. Onze soldaten schreven leuzen op de muren. Zelfs de kinderen die langs de route woonde droegen witte bandjes. Volgens Rzjevskaja was er geen direct bevel van boven om Hitler te zoeken, maar was iedereen daar natuurlijk mee bezig. ,,Iedereen zocht, maar het lot wilde dat wij hem gevonden hebben.”

Terwijl in Berlijn het lijk van een man met ‘gestopte sokken’ aan de pers werd getoond als het stoffelijk overschot van Hitler vonden soldaten in de tuin van de Rijkskanselarij het lijk van een man op middelbare leeftijd, een vrouw en twee honden. Rzjevskaja werd belast met een deel van de identificatie. Na drie dagen wist ze een tandarts te vinden die het gebit van Hitler aan de hand van aantekeningen positief kon herleiden. Ze vertaalde een deel van de lijkschouwing, onderzocht een hoop aangetroffen documenten en vond als eerste de dagboeken van Goebbels. Na de succesvolle identificatie heeft Rzjevskaja alle documenten afgestaan aan de staf en pas vele jaren later teruggezien in de Moskouse archieven. Een hoop historici twijfelen aan deze lezing van de feiten en er is nog altijd weinig consensus over wat er precies met Hitler is voorgevallen. Rzjevskaja ergert zich aan wat zij ‘pseudo-wetenschappers’ noemt. ,,Ze maken nog altijd van die ongelooflijk stompzinnige serie’s over hoe Hitler nog leeft of hoeveel kinderen hij heeft. Allemaal onzin, sensatiezoekers. Ik kwam vroeger ook wel op conferenties waar zulke mensen dan trots vertellen dat ze er al zestien jaar onderzoek naar doen. Wat een onzin, ik werk er al mijn hele leven aan. Wat voor mij telt is dat ik ooit ben opgehaald door Maarschalk Zjoekov, de belangrijkste Sovjet-generaal. We hebben een goed gesprek gehad en hij vertelde me dat hij me geloofde als schrijfster en als mens. Ook in zijn memoires staat dat hij wat de dood van Hitler betreft niets aan mijn lezing heeft toe te voegen.”

Haar appartement heeft zicht op de drukke weg langs haar huis. Overal langs de brug wapperen rode en oranje vlaggen, op een spandoek staat in hoofdletters ‘overwinning!’ gedrukt. De dure BMW’s van de nieuwe rijke Russen scheuren er met hoge snelheid onderdoor. ,,Je weet toch wel dat Rzjevskaja een pseudoniem is?”, vraagt ze plots. Daar heb ik het ergste van de oorlog meegemaakt. Het is echt een slachtig geweest, Rzjev is een broederstad van Stalingrad. Als Rzjev was gevallen was Moskou er ook geweest, daasrom heb ik mijzelf later zo genoemd en in ‘62 zelfs als officiële achternaam aangenomen. Wat daar gebeurde mag nooit vergeten worden. Ik denk wel eens dat ik zo lang leef omdat ik dat allemaal moet vertellen.” [zie ook: fotoserie Rzjevskaja]

Jelena Rzjevskaja – Tolk in oorlogstijd. Uitgeverij Mouria, 2009. 379 bladzijden.

[fotoserie] De grootste Georgier

Tuesday, December 8th, 2009

,,Hij heeft een hoop goeds gedaan en was van simpele komaf. Daarom houden we van hem. Ja, men heeft tegenwoordig ook veel kritiek op Stalin, maar iedereen doet toch wel eens iets verkeerd?” Je zou zomaar verliefd kunnen worden op Sophio, het knappe 24-jarige meisje dat routinematig rondleidingen geeft in het Stalinmuseum in Gori. Ze heeft een sportieve winterjas aan, geld om de verwarming op te stoken is er niet. Pas wanneer er een bezoeker binnenkomt gaan de lichten aan. De man die miljoenen mensen de dood en zijn eigen volk grotendeels in verbanning jaagde wordt in zijn geboorteplaats als held vereerd. ,,Hij was de enige Georgier die de wereld zo in z’n greep heeft kunnen houden.”